Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beteekenis; slechts voor zoover dit zich in het leven, in het handelen openbaart, is het rechtens van belang, is dit vatbaar voor rechtelijke disqualificatie. Terwijl in het. onrechtmatigheidsoordeel een beoordeeling van bloot natuurwettelijk bepaalde gebeurtenissen en toestanden wordt gegeven, wordt in het schuld-oordeel de innerlijke zijde der handeling getoetst.1)

Ginds ligt het substraat in de gelijkvormige natuur, in het quantitatieve, hier in een daarvan fundamenteel verschillende, wel genoemde „sfeer der spontaneïteit", in de sfeer van het qualitatieve. Hiermee hangt nu samen een verschil in den logischen inhoud van de beide oordeelen. De rechtsorde geeft een maatstaf aan, waarnaar wij ons hebben te richten en te gedragen; elke afwijking van deze maatstaf is onbehoorlijk.

Echter niet altijd is ons van die afwijking een verwijt te maken. Dat ik, door van de norm af te wijken, een onbehoorlijke daad verrichtte, daaraan kan de omstandigheid, dat ik niet anders kon, niets veranderen. Want gedane zaken nemen geen keer. Uit het niet-kunnen volgt nog niet zonder meer het niet-behooren. In het schuldoordeel daarentegen ligt een verwijt "') uitgesproken. Hier ligt de voorstelling ten grondslag, dat de dader in staat was, het gebeurde achterwege te laten. Intusschen kan de vraag worden gesteld, of deze onderscheiding rationeel is, of zij metterdaad te handhaven is. Niet hierover kan kwestie bestaan, of feitelijk in de concrete uitspraak door den rechter in het eene geval wel en in het andere niet een verwijt wordt uitgedrukt, want we spreken niet over de psychologische werkelijkheid, doch over den zin en de betee-

x) Tegen deze leer Vtan het objectieve onrecht richt zich vooral Merkel en zijn sdhool. Deze apvjatting staat in verband met de imperatieven-theorie en de ïedhtsleeir van Heglel, waar. over elders z)al worden gehandeld.

2) Max R ü 'm e 1 i n, Das Verschulden im Straf- und Zivilredht, 1909, blz. 7 v.

Sluiten