Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wordt deze stam nu verzwakt, en dus nu zwakker dan deze te voren was tegenover den stam, welks leden of lid de krenking, dus de verzwakking, had teweeggebracht. Daarom komt de begeerte op, om aan dezen stam op zijn minst zooveel leed toe te voegen, als van de zijde van dien stam is ervaren.

d. Bij dit alles komt nu nog een religieus moment, de heilige plicht, we wezen er reeds op, om voor de rust van den gedoode in het hiernamaals te zorgen, wat kan geschieden door diensbloed te wreken. Zoolang dit niet was geschied, streeft de ziel. („het levende lijk") er naar, weer in het doode lichaam in te. gaan, en waar dit niet mogelijk was, spookte ze rond in de omgeving van den stamgenoot, die hem niet gewroken had. De angst dreef dezen tot wraak uit.

3. Dat aan deze wraak groote bezwaren kleven, valt dadelijk in het oog1).

a. Vooreerst wordt door deze verdeeldheid het staatsverband en

de staatsmacht verzwakt.

b. Dan bewerkt ze een voortdurende onzekerheid in het volksleven, waardoor cultuurarbeid wordt belemmerd. Een hoeveelheid menschenkracht wordt verbruikt, vrees en schrik heerscht onder de menschen en sluit rustig werken uit.

c. Hierbij komt nog, dat de bloedwraak niet beperkt is, zooals we hebben gezien, tot den dader, maar ook tot zijn magen, en dus tot hun sippe zich uitstrekte. Wordt de dader of een ander dan de dader gedood, dan laait d£—wraakzucht immers weer opnieuw

ƒ op, zoodat een oneindige reeks van doodenoffers elkaar opvolgen: ' de daad van den wreker is de grondslag en het motief voor een nieuwe wraak.

d. Een zeer ernstig bezwaar tegen de bloedwraak was hare onredelijkheid, in dezen zin, dat ze psychologisch niet berustte op redelijk overleg, maar een gevolg was van den toorn en het verhitte bloed. Wel zit in dieperen zin een kern redelijkheid in de wraak, een die wij thans vergelding noemen, maar het bewustzijn daarvan met zijn gevoelskleur was niet de drijfveer voor de wraakhandeling. De wreker handelde in affect; hij was werktuig, dikwijls blind werktuig voor de verwerkelijking der vergeldingsgedachte2)c

4. Dit alles leidde allengs tot de gedachte, de wraak .aL te koopen. door het betalen van een hooge geldsom, de comvositio.

x) Zie, ook voor hetgeen volgt, Kohier, Lehrbuch der Rechtsphilosophie, blz. 316.

2) Zie Merkel—Liepmann, t. a. p., blz. 240.

Sluiten