Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORWOORD.

Nadat in 1913 mijn hooggeschatte broeder, Prof. Mr. Willem Zevenbergen, zijn academische studiën aan de Vrije Universiteit te Amsterdam had voltooid met het proefschrift: „Eenige beschouwingen over het strafrechtelijk schuldbegrip", zijn in de jaren, voorafgaande aan zijn optreden als hoogleeraar aan diezelfde Universiteit verscheidene kleinere verhandelingen van zijn hand in onderscheidene tijdschriften verschenen, die wel voor ieder, die daarin belang stelt bereikbaar zijn, doch waarvan, doordat zij hier en elders verspreid zijn, minder gemakkelijk valt kennis te nemen.

Eenigen tijd nu, nadat, op 31 Augustus 1925, de onverbiddelijke dood aan dit arbeidzame en voor de wetenschap zoo beteekenisvolle leven een einde had gemaakt, kwam tot ons van de studenten der Vrije Universiteit te Amsterdam het verzoek, om te trachten deze kleinere geschriften in een bundel bijeen te brengen en uit te geven.

Waar wij niet onkundig waren gebleven van ,,de groote genegenheid en dankbaarheid", waarmee zijn leerlingen „hun hooggeschatten leermeester" blijven gedenken, meenden wij al het onze te moeten aanwenden, dat aan dit, zijn nagedachtenis eerende, verzoek werd voldaan.

Thans is hiermee voltooid de taak, die door ons was te verrichten, en liggen ,,de Verzamelde Opstellen', onder welken titel deze bundel wordt aangediend, ter kennisname van den belangstellenden lezer gereed.

Daarbij hebben wij inzonderheid op het oog hen, die als student gedurende eenige jaren van zijn onderwijs hebben mogen genieten en die thans alleen nog zijn „geestelijke nalatenschap" kunnen onderzoeken, vertrouwende, dat zij in het bestudeeren, ook van dit deel dier „geestelijke nalatenschap", iets zullen navoelen van de gedegenheid der kennis, waarmee de meester

Sluiten