Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i Kor. 6 : 12; 9:1. Daarom blijft Paulus boven zijn werk staan, hij heeft zichzelf en alle dingen in bedwang en stelt ze in de kracht Gods, vs 7, ten dienste van zijn apostolaat.

1—10. De apostel spreekt duidelijk over de wijze en de omstandigheden, waaronder hij werkt en moet werken. Hij leert alle ambtsdragers zien, waarop ze kunnen rekenen en hoe ze moeten en kunnen volhouden. Ook de gemeente moet inzicht hebben in de wijze van werken, daarom schrijft Paulus er over. Dat is niet in de eerste plaats, opdat zij de ambtsdragers eeren zou, al ligt er dat ook wel in, het is in de eerste plaats, vs 1 en 2, opdat zij weten zou, hoeveel aan haar gearbeid is en zich zou bekeeren. Heeft Paulus vroeger nadruk gelegd op zijn Goddelijke roeping, thans heeft hij laten zien, dat hij die roeping ook trouw volbrengt. Dat is voor den apostel tevens een voorbereiding op de vermaningen, die hij nu, in aansluiting aan vs 1, geven gaat.

6 : 11—7 : 1. Wandelt heilig.

11. Dat met vs 11 een nieuw onderdeel begint, is zonder meer duidelijk; de vraag is slechts, is er verband met het voorafgaande en indien ja, welk. Onze pericoop geeft een serie vermaningen en niet alleen onze, maar ook de volgende, die met 7 : 2 begint. Nu is het waar, dat de laatstbedoelde vermaningen en ook 6 : 11 en 12 van Paulus' ambtelijke bediening spreken en dus dicht staan bij het 6 : 1—10 behandelde. Maar het is ook waar, dat de waarschuwingen 6 : 14—7 : 1, een meer algemeen karakter dragen en daarom even goed naar 7 :2 vlg. kunnen leiden als naar 6 :1—11. Reeds op dezen grond meenen wij, dat er verband is tusschen 6 : 11—7 : 1 met wat voorafgaat en met wat volgt. Van belang is voorts te letten op JiaQcixccXov/isv xai, 6:1, dat weer voorafgegaan werd door het naQaxaXovvroq, 5 : 20. Zag dit laatste bepaald op de prediking der verzoening, het eerstgenoemde wijst in de richting van een godvruchtig leven en liet vermoeden, dat Paulus, toen hij het neerschreef, het plan koesterde om op het ook vermanen nog afzonderlijk terug te komen, te laten zien, wat het inhoudt. Dat geschiedt in vs 11 vlg. Wij laten dus xö oxófia avéqtyev niet zien op de onmiddellijk voorafgaande uiteenzettingen over de wijze, waarop Paulus zijn ambt vervult, maar laten hier een reeks in 6 : 1 aangeduide vermaningen beginnen. Ook het perfectum, zie straks, wijst in die richting. Door een en ander komt Paulus weer dichter bij de vermaningen, die hij aan het einde van onzen brief, ondanks den veel verbeterden toestand, waarvoor hij dankbaar is, moest neerschrijven. Wij gelooven dan ook nu reeds te kunnen uitspreken, dat onze pericoop niet alleen niet uit den toon valt, maar op deze plaats zeer wel is te verklaren, vooral in een brief van iemand als Paulus, die gemakkelijk gedachtensprongen

Sluiten