is toegevoegd aan uw favorieten.

De tweede brief van den apostel Paulus aan de kerk te Korinthe

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ken 1). De zin met ïva geeft dan een thans bestaand objectief feit te kennen. God gaf droefheid en daarvan is het gevolg, dat de apostelen niet meer optreden. 'Ev fitidevi, in geen enkel opzicht, dit is meer gewoon dan door niets. Zfj/iiovv is hier zeker niet van de eeuwige straf gebruikt, maar in denzelfden zin als i Kor. 3 : 15 van geestelijk nadeel, bestraffing, niet smaken van Gods gemeenschap. *JE|, niet vnó, de apostelen zijn niet de handelende personen, maar het komt van hun zijde, als zij optreden als dienstknechten Gods. Zoo heeft Paulus zijn blijdschap nader omschreven. Door Gods genade is de toestand thans goed en dit maakt onnoodig, dat van de zijde der apostelen nader, verder wordt opgetreden. Ook dit sluit nieuw of herhaald vermanen niet uit. Want Paulus zegt, dat in geen enkel opzicht meer Krj/uia noodig is; dat is niet:'vermaan is niet noodig, maar straf kan achterwege blijven, gij schiet niet te kort, lijdt geen schade 2). Dat nadeel zou juist kunnen zijn, dat de Korinthiërs de apostolische prediking, met haar vermaningen, niet meer ontvingen, omdat hun ongehoorzaamheid weigerde die te aanvaarden.

10. In vs 10 geeft Paulus een algemeene spreuk, gelijk wij er wel meer in zijn brieven aantreffen. Daarin geeft de apostel ons tevens de aanwijzing, hoe dit Schriftgedeelte moet worden gebruikt. Op zichzelf is het feit, dat Paulus de Korinthiërs heeft moeten bedroeven en dat dit hun tot zegen was, evenals vele andere feiten, geschiedenis geworden. Maar in het licht van de algemeene waarheid, waarin Paulus het stelt, wordt het gebeurde te Korinthe een vingerwijzing zoo voor ambtsdragers als kerken in alle tijden. Dat Paulus zijn uitspraak geeft met yaQ, doet bijna onderstellen, dat hij iets schrijft, waarvan men te Korinthe wel op de hoogte was, doch dat men verzuimd had in dit geval toe te passen. Paulus verklaart waarom hij blijde was over hun droefheid, die was tt's fisxavoiav en S-sóv, H scaxcc &eöv Xvjtri vindt zijn ver¬

klaring in vs 9, het is droefheid, die voor God bestaan kan. Overigens blijkt ook hier, dat xccxa S-eóv in vs 9 niet bedoeld kan zijn als maatstaf bij het optreden van Paulus, die smart aandeed, maar als aanduiding van het karakter van de

^ ®a"er> s- v-: I" vielen Fallen ist Absicht u. Folge nicht streng geschieden u. daher mit ïva d. Folge als der Absicht des Subj. od Gottes entsprechend bez. Bes. bei göttl. Willensentscheidungen, ist wie ïm jud. Denken Absicht u. Erfolg identisch. Vgl. ook A. N. Jannaris, An Historical Greek Grammar, Londen, 1897, bl. 455. \olgen wij de misschien wat gekunstelde onderscheiding van Stauffer in Kittels Wörterbuch s. v., dan zouden wij op onze plaats eerder v an een theologischen dan van een ethischen finalen zin willen spreken al zou Stauffer zelf het waarschijnlijk juist andersom doen.

) Kittel, Wörterbuch, II, bl. 892 vertaalt op onze plaats: hmbusse.