is toegevoegd aan uw favorieten.

De tweede brief van den apostel Paulus aan de kerk te Korinthe

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11. Vs ii is een korte en krachtige afsluiting van dit onderdeel. dia xi is een algemeene vraagformule. Waarom staat het zoo? Waarom mag het roemen niet afgedamd worden, d. i. waarom blijft Paulus weigeren geld aan te nemen ? Paulus geeft een negatief antwoord, al weer in een vragenden zin: omdat ik u niet liefheb? Wij mogen uit dezen vorm en ook uit het ontbreken van een positief antwoord wel afleiden, dat Paulus een beschuldiging afwijst. Men krijgt weer den indruk, dat er te Korinthe achterdocht heeft geheerscht. Er is gezegd, Paulus neemt van de Korinthiërs niets aan, omdat hij hen niet liefheeft. Tegenover de Macedonische kerken, die hij altijd zoo prijst, staat hij anders. En men heeft niet op het verschil gelet, dat de Macedonische kerken deden, wat de gemeente te Korinthe verzuimde te doen, uit eigen beweging Paulus brengen, wat hij niet kon vragen. Men heeft ook niet gezien, dat de aanklachten, die thans te Korinthe tegen Paulus werden ingebracht, hem dankbaar moesten maken, dat hij vroeger niets had ontvangen en hem moesten doen besluiten niets te aanvaarden in het vervolg. Nu is het weinig waarschijnlijk, dat de gemeente te Korinthe zelf gezegd heeft, dat Paulus haar niet liefhad. Titus heeft de zaken in orde weten te brengen en Paulus heeft gejuicht over het herstelde vertrouwen. Het zullen de Judaïsten zijn geweest, van wie we telkens hooren, dat zij van de financieele kwesties gebruik maakten om Paulus te bestrijden, die de Korinthiërs opmerkzaam maakten op het verschil tusschen Paulus' houding tegenover hen en tegenover de Macedoniërs en die er de verklaring aan toevoegden: Paulus heeft Korinthe niet lief, vgl. vs 13. Nu was dit wel het ergste, dat den apostel kon overkomen. Niet omdat hij Korinthe oprecht liefhad en zich dus gegriefd moest voelen, 1 Kor. 4 : 14 vlg., maar omdat, zoodra aan den prediker van het evangelie gebrek aan liefde verweten wordt, alles ophoudt en de grond onder het werk is weggeslagen. Vandaar Paulus' krachtige verzekering ó D-töq oló'ev, God weet het, n.1., dat ik u liefheb. Daaraan mag noch kan worden getwijfeld. De Judaïsten wisten, wat zij deden!

12. Bij vs 12 is een kleine pauze. Paulus gaat wel door met het onderwerp, dat hij behandelt, maar toch op wat andere wijze. Hij spreekt eerst over de toekomst, wil men, hij geeft een nadere uitwerking van het xtiQi'iaot van vs 9 en gaat dan een meer duidelijke omschrijving geven van het karakter van zijn tegenstanders. Paulus bepaalt zijn houding. De Judaïsten hebben achter zijn niets willen aannemen van Korinthe verkeerde beweegredenen gezocht. Het deert Paulus niet, hij zal er zijn gedrag niet om veranderen. Er is verschil van opvatting over xal Soms neemt men het met 71010» als voorzin, waarop dan geen nazin volgt, zoodat wij een anakolouth moeten aannemen; dan weer wordt xal Ttoirjöt» opgevat als