Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1 : 7 — 8

king komt nog met nadruk verklaren, dat de zekerheid bij mCt d00r eeni£e aarzeling mag zijn vertroebeld, Matth. 21 : 21, 22; Mark. 11:24; Jak. 5: 15. Jakobus is in dit eerste deel van zijn brief zeer absoluut. Waarom twijfel niet mag voorkomen, verklaart een zin met yaQ, in beeldspraak geschreven. "Eoixev, in het N. T. alleen hier envs2? een bewijs van het goede Grieksch, dat Jakobus schrijft! Klvdwv, de hooge baar in de ruwe zee, die op en neer gaat zonder ophouden, m. n. wanneer hij door den wind wordt ^PS^jaagd . av£tll+°tliv(p) en voortgeworpen (QiTU^Ofiévai).

t Iteratief van i>ijirw; al staat het er niet, zoo'is

natuurlek de bedoeling, dat het Qvii&iv geschiedt door den T ,AS lets voor om aan hendiadys te denken, waarbij

dan tivefti^eiv aangeeft, dat de wind de kracht oefent, oixiCeiv, wat de kracht doet. Wie geen nlaxt^ bezit, is gelijk aan zulk een zeegolf, onstandvastig. rÜQ houdt in: hij vrage in geloof want doet hij het niet, dan ontvangt hij niet alleen niets' maar is hij bovendien zelf in een hoogst beklagenswaardigen toestand, het gaat hier om het algemeene. Zie nog fes 57 : 20; Ef. 4 : 14. 6 J •

7, 8. Dit nieuwe yÜQ leidt een zin in, die niet een reden is van den vongen zin met yccQ, maar een tweede reden geeft gecoördineerd aan de vorige; een tweede reden, die dichter ,mt bij het onderwerp, dat Jakobus behandelt. Is er °-een

1S er geen verhooring> dus thans het bijzondere. .Natuurlijk bedoelt Jakobus niet te zeggen, de twijfelende bidder rekent nog wel op iets, maar daarin vergist hij zich. Wie twijfelt, rekent op niets. Jakobus kiest dezen levendigen vorm om eenvoudig uit te drukken: een twijfelaar zal niets ontvangen. De constructie van den zin wordt op meer dan één wijze verklaard.^ Men kan een punt plaatsen achter xvqIov en civtjQ tot avrov een nieuwe, zelfstandige zin laten zijn. IJaar is tegen, dat we dan een algemeene uitspraak zouden krijgen, die hier niet noodig is, omdat ze de algemeene uitspraak van vs 6 herhaalt. Buitendien is het moeilijk een onderwerp avrtQ in dit verband te verklaren, temeer

omdat óirpvxoq wel een zeer doorzichtig, maar een vreemd overigens niet gevonden woord is; men verwacht wel in een praedicaat, niet in een subject een dergelijken term. Daarom is het beter den zin te laten doorloopen en ccvïjq evenals uxazaotaxo^ te laten zijn bijstellingen bij het subject, die dit nader verklaren. Een enkele maal neemt men avi}Q < txpv%o$ v.Tz als subject van fajfirpevcii. Dit is te verwerpen: 1) omdat zulk een subject een andere plaats in den zin zou moeten hebben; 2) om den inhoud, de zin heeft alleen beteekems,^ indien het subject van oiéo&at hetzelfde is als dat van Daarom verdient de in de tweede plaats

genoemde opvatting de voorkeur, de bijstellingen komen dan

Sluiten