Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er wel, maar wij bemerken ze niet. Wij krijgen dan alleen met dit orgaan te doen wanneer het gestoord is.

Ook dit is echter niet geheel juist. Enkele gewaarwordingen worden door dit orgaan ook zóó wel, ook in normalen toestand opgewekt. Men bemerkt het b.v. wanneer men zich eenige malen ronddraait met gesloten oogen. Houdt men dan plotseling stil, dan heeft men het gevoel alsof men in tegenovergestelde richting gedraaid wordt. Zulke verschijnselen ondervindt men ook wanneer een krachtige beweging plotseling gestopt wordt. Bij het neerdalen in een lift, of bij het schommelen enz. verkrijgt men telkens die typische gewaarwordingen die den indruk wekken alsof men op eenmaal tot een tegengestelde richting overslaat. Deze en soortgelijke gewaarwordingen worden ongetwijfeld door dit evenwichtsorgaan gewekt.

Samenvattende kunnen wij besluiten dat het evenwichtsorgaan een orgaan is, dat voor de bewegingen die wij willen uitvoeren van groote beteekenis is, dat echter zijn werk meest reflexief verricht, zoodat in ons bewustzijn slechts betrekkelijk zelden gewaarwordingen optreden die naar dit orgaan terugwijzen.

De laatste groep van gewaarwordingen waarover wij te handelen hebben is die der VITALE GEWAARWORDINGEN. Een duidelijk omschreven klasse vormen deze eigenlijk niet. De gewaarwordingen van deze groep hangen dan ook nauw samen met temperatuur-, tast-, pijn- en kinaesthetische gewaarwordingen. Dat ze niettemin een eigen plaats innemen danken zij daaraan dat zij zich uitsluitend betrekken op de toestanden van ons eigen lichaam.

Het zou te veel zijn de verschillende vormen op te noemen die hier zich aan ons openbaren. In de eerste plaats kennen wij de gewaarwordingen die betrekking hebben op onze behoefte aan voedsel en drank. Wij kennen de gewaarwording van honger, van trek, van verzadiging, van dorst, van lafenis enz. In de tweede plaats geven ons de ademhalingsorganen soms allerlei indrukken, b.v. van beklemming, van druk, van heerlijke ontspanning bij het ademen in reine, frissche lucht. De geslachtsorganen kunnen gewaarwordingen in ons te weeg brengen. Voorts kunnen wij tot deze groep rekenen de gewaarwordingen die wij verkrijgen bij rillingen, huivering, of wanneer we hard op een lei hooren krassen of met pas geknipte nagels ergens langs schuren. Kortom er is hier een wereld van gansch verschillende, veelal volkomen onbegrijpelijke, niet nader te vergelijken indrukken, die telkens weer in ons leven optreden. Meestal letten wij vrij weinig op de gewaarwordingen van deze klasse, maar zij laten niettemin niet na invloeden op ons leven uit te oefenen. Zij kunnen een vaag, onbestemd gevoel van welbehagen maar ook van neerslachtigheid in ons te voorschijn roepen, zij vormen veelal den onbemerkten achtergrond van onze onverklaarbare stemmingen. Daarom moet ook aan deze gewaarwordingen bij onze beschouwingen over het zieleleven alle aandacht geschonken worden.

Overzien wij nu het geheel van onze gewaarwordingen, dan bemerken wij al spoedig dat vooral oog en oor de organen zijn waardoor de buiten-

Sluiten