Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minder de behoefte naar intimiteit, naar diepere vertrouwelijkheid, dan wel naar afleiding en vroolijkheid. Zulke menschen gevoelen zich het meest op hun gemak aan den prettigen feestdisch, temidden van anderen van gelijke geestesrichting en bekwaamheid. In den omgang treedt de persoonlijke levensstijl, de persoonlijke behoefte op den achtergrond, de gemeenschap wordt gezocht en gevonden in de spheer van het verstand, van het objectieve, onpersoonlijke. Het gevaar van deze geestesrichting is dat men er een zekere charme in gaat zoeken veel vrienden te hebben, de neiging tot populariteit. Het is hun lang niet onverschillig dat iedereen hen groet, dat zij door zooveel menschen gekend en gewaardeerd worden, kortom dat zij zooveel connecties hebben.

Soms schuilt onder de behoefte naar grooten omgang, naar veel gezelligheid de onbewuste drang tot ontvluchting van zichzelf. Ge zult bij deze menschen nogal veelvuldig aantreffen de vrees voor eenzaamheid voor het bij-zich-zelf-zijn. Dat kan voortkomen uit den eenvoudigen' wensch naar afleiding temidden van drukke werkzaamheden. Maar het kan ook een dieperen wortel hebben, de bangheid om zich zijn eigen armoede, zijn eigen levens-onvoldaanheid te realiseeren. Liever dan zich rekenschap te geven van wat men is, leeft men over zichzelf heen, en heft den schuimenden bokaal op met den glimlach der zelfvergeting. Vooral in onzen verwrongen tijd is de behoefte naar ontvluchting van zichzelf niet zeldzaam. Druk werken, veel menschen zien, geestig discours, avond aan avond uitgaan, doen zoo gemakkelijk vergeten de ziel die aan zoo geheel andere zegeningen behoefte heeft.

Bij het tegenovergestelde type, dat in zijn omgang meer eenheid zoekt is de vriendschap uiteraard dieper en hechter. Zulke menschen hebben ïefst een vriend, en aan dien éénen oriënteeren ze zich, houden ze zich vast. In den vertrouwelijken omgang, in de uitwisseling van levensschatten gevoelen ze hun verrijking, vinden ze zichzelf tot een hooger plan opgeheven. Ze moeten zich kunnen uitspreken met de zekerheid dat er vol belangstelling en medeleven naar hen geluisterd wordt. In het kiezen van dien eenen vriend gaan ze dan zeer zorgvuldig te werk, ze gaan niet graag over een nacht ijs. Vaak doet zich een eigenaardige contrastwerking ge den, de sombere gevoelt zich aangetrokken tot den levenslustige, de denker tot den practischen, handelenden mensch. Toch mag die tegens elling niet volkomen zijn, er moet een diepere eenheid wezen, waarin ze zich tenslotte weer vinden kunnen. Die oriënteering wisselt dan naarmate de persoonlijkheid groeit. Telkens worden weer nieuwe vrienden gezocht wanneer het karakter zich weer nieuw geplooid heeft. Overziet zoo iemand de reeks van vrienden die hij in den loop der jaren gehad heeft, dan kan hij daarin zijn geheel innerlijke geschiedenis lezen. Telkens heeft hij den een weer moeten loslaten en zich aan een ander moeten vasthouden, omdat

meu*e Perspectieven zich voor zijn geest zag openen. Zoo volgde de een op den ander, tenzij in gevallen van parallelle ontwikkeling, dat de boezemvriend der jeugd de vertrouweling blijven kon.

Krachtige vriendschap is vooral een goed van de jonge jaren. De periode na de puberteit is over het algemeen daarin het rijkst ontwikkeld. In de puberteit zelf beginnen reeds de eerste pogingen, ook dan al kan zich zeer sterke gehechtheid tusschen vrienden openbaren. Toch is die tijd nog te

Sluiten