is toegevoegd aan uw favorieten.

De Post-acta of Nahandelingen van de Nationale Synode van Dordrecht in 1618 en 1619 gehouden, naar den authentieken tekst in het Latijn en Nederlandsch uitgegeven en met toelichtingen voorzien

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Heeren Staten Generael zal versoecken dat hare Hooch Mog. gelieve dese articulen te authoriseren ende te approbeeren, op datse doorgaens inde Nederlantsche kercken, cracht van publycke Wetten zouden moghen hebben, ende dies te meer tot vrede ende stichtinge derselver ') onderhouden werden.

Js gedebatteert over het jus Fatronatus ten eynde dat het selve ofte gheheel end' al uyt de Nederlantsche kercken wechgenomen; ofte ten minsten zoo bepaelt mochte worden, dat de kercke daer door gheen nadeel en hadde. De Heeren Commissarisen hebben te kennen gegeven, dat het niet mogelijck en was dit recht geheelick z) wech te nemen, dewijle de Heeren Staten nimmermeer zouden toelaten, dat die ghene die in deuchdelijcke possessie van dit recht zyn, daer van door eenighe kerckelicke constitutie zouden berooft werden, ende dat daerom het Sijnodus

zoude wel doen, beramende middelen niet om dit recht geheel afF te schaffen ; maar liever om de abusen desselfs (zoo daer eenighe zyn) te verbeteren.

i. De approbatie der Kerkenordening. Deze approbatie der Kerkenorde had niet ten doel, den tekst der Kerkenorde vast te stellen, want dit is eerst geschied in de 17 5e zitting (zie sessie 175 aant. 2, pag. 242), nadat de Kerkenorde eerst op verschillende punten niet onbelangrijk gewijzigd was. De approbatie in deze zitting aan de Kerkenordening gegeven was een appro-

') A en B voegen in : souden mogen.

2) A B C D : geheel.

Illustriss. ipsorum Amplitud. autoritate atque approbatione sua hosce Canones stabilire, quo passim in Ecclesijs Belgicis vigorem Legum publicarum obtinere, et tanto strictius ad Ecclesiarum pacem atque aedificationem observari queant.

Disceptatum fuit de jure, quod vocant, Patronatus, an non aliqua ratione illud aut penitüs ex Ecclesijs Belgicis tolli, aut saltem ita limitari possit, ut ne quid Ecclesia detrimenti patiatur. Illustres D. D. Delegati monuerunt fieri nullo modo posse, ut hoe jus omninö tollatur: nunquam enim permissuros esse Illustriss. D. D. Ordines, ut qui legitima hujus juris possessione fruuntur, ulla constitutione Ecclesiastica ab eadem priventur: ac proinde ut Synodus potius velit dispicere de corrigendis ejus, si qui sint, abusibus, quam de eo planè tollendo.