Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

orde bezwaar kregen en in Holland eveneens de autorisatie der Kerkenorde schipbreuk leed, ging de zaak bij de Generale Staten van zelf in den doofpot

Bij enkele Provinciale Staten daarentegen is de approbatie der Kerkenorde, zij het dan ook met wijziging van enkele harer bepalingen \ erkregen. Deze zaak is zoo uitvoerig en grondig behandeld door Dr. F. L. Rutgers in zijn: De Geldigheid der oude Kerkenordening. Bijlage II: Over de politieke approbatie van de Kerkenordening, naar d> Dordtsche redactie van 161g.n1 de onderscheidene provinciën. P- » 5 104. dat ik volstaan kan, met de resultaten, daar gevonden, eenvoudig over te nemen. De Kerkenorde werd in Overijssel 30 Juli 1619, in L trecht 6 Aug. 1619 en in Gelderland 21 Juli 1620 door de Staten geapprobeerd. gelijk ook daaruit blijkt, dat juist in deze dne provinciën de Kerkenorde in druk verschenen is -met autorisatie der Staten". In Friesland heeft de Kerkenorde van meet af den heftigsten tegenstand ontmoet; vooral gaf daartoe aanleiding, gelijk blijkt uit de „memorie van eenige Consideratiën over de Kerken-ordre gemaeckt" het artikel over de beroeping der predikanten 1 . Hoewel de .Steden" wel geneigd waren de Kerkenorde goed te keuren, hebben de Staten der drie kwartieren zich hiertegen zoo krachtdadig verzet, dat de approbatie achtera ege bleef -. Ook in Groningen ®) en Drente schijnen de Staten de Kerkenorde niet te hebben goedgekeurd; in Drente

') Deze memorie is afgedrukt bij Brandt. Hist. der Rtf. IV. p. 772 778. Van

wien ze afkomstig is, meldt Brandt niet. In de Friesche Prov. Bibliotheek bevindt zich een geschrei en copie van deze memorie, maar eveneens ongeteekend.

*) Ook de Friesche Synode van 1620 wilde liever bij de K. O. van 1586 blijven. (Reitsma, Acta der Prm-, Syn. VI, p. 279). Volgens Brandt. Hist. der Ref. IV, p. 17 en w. zou Bogerman op deze Synode zelfs zeer hard zijn aangevallen, omdat hij aan de revisie der K. O. had meegewerkt. E. v. d. Tctk in zijn biographie van Bogerman, p. 246, meent dat dit geheele verhaal onwaar is, omdat de Acta dier Synode er niets van melden. Ongetwijfeld heeft Brandt", berichtgever sterk overdreven, maar uit het zwijgen der Acta af te leiden, dat er niets van dit verhaal waar is, is dunkt mij te sterk.

In < rr- 'mngen was reeds uitdrukkelijk last gegeven aan de Gedeputeerden ter -renende Synode, dat de Staten niet wilden, dat in de kerkenordening verandering werd gebracht (Reitsma 1. c. VIL p. 355 .

Sluiten