is toegevoegd aan uw favorieten.

Paedagogische beginselen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

DE METHODE DER OPVOEDING.

32. Wij kennen thans het doel, dat de Christelijke opvoeding zich voor oogen heeft te stellen; ook weten wij, van waar zij haar uitgangspunt te nemen heeft. Zoo blijft, om het wezen der opvoeding te verstaan, alleen nog over het bepalen van den weg, die van dit uitgangspunt naar dat doel heenleidt, erTUus de methode aan te geven, welke de opvoeder bij zijn arbeid te volgen heeft. Omdat een weg altijd eene verbinding van twee punten is en dus ook in tweeërlei richting te bewandelen is, heen, van het uitgangspunt naar het dóH, en terug, van het doel naar het uitgangspunt, zijn er ook altijd twee methoden, de analytische en de synthetische^ de inductieve en de deductieve, de subjectieve en de objectieve! Ook bij de opvoeding komen deze beide methoden in aanmerking. Men kan den te volgen weg geheel door het doel, en ook geheel door het uitgangspunt doen bepalen. Er kan gevraagd worden, welke methode door het ideaal, door den inhoud der opvoeding, dat is door de leerstof geëischt wordt; en men kan ook de vraag stellen, welke methode met het oog op het op te voeden subject te kiezen zij i).

Deze beide methoden mogen niet, gelijk zoo dikwerf geschiedt, met elkander verward worden; ze zijn zuiver uit elkander te houden en eerst, nadat ze afzonderlijk besproken zijn, met elkander in verband te brengen. Want gelijk in geen enkele wetenschap, zoo heeft ook in de paedagogiek noch de synthetische (deductieve, objectieve), noch de analytische (inductieve, subjectieve) methode alleen recht van bestaan; gezonde zin rekent altijd met beide en

1) Verg. mijne Opvoeding der rijpere jeugd, Kampen J. H. Kok 1916 bl. 214.