Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

17

hersenen worden voortgeleid om in de hersenmassa moleculentrillingen te wekken. Bij dit proces hebben we dus als eindresultaat niets dan intensieve moleculen-trillingen der hersenen binnen de kleine ruimte van den schedel te constateeren. Hoe komt het nu, dat wij naar aanleiding van die intensieve beweging der hersendeeltjes extensief, uitgebreid naar de ruimte, dien stoel in zijn volle breedte en hoogte, als buiten ons plaatsen ? Dit kan alleen geschieden, doordat onze geest spontaan naar aanleiding van de intensieve trillingen den stoel, in den aanschouwingsvorm der ruimte, extensief buiten zich zet. Hier blijkt derhalve in onzen geest spontaan (de extensieve ruimte ten gevolge van de intensieve trillingen) iets nieuws geboren te worden.

Moge er aldus reeds bij de aanschouwingsvormen een spontaan element in ons geestesleven aanwijsbaar zijn, naar den vollen zin des woords is dit het geval bij de denkvormen, de kategoriën. Door deze denkvormen als functies van het verstand toch ordenen wij den inhoud der zinnelijke gewaarwording. Alweder dient ons hier het voorbeeld van den steen, die een lichaam omwerpt. Door de kategorie der causaliteit denken wij den steen als oorzaak van den val des lichaams. En zoo gaat het met het geheel van onzen ervaringsinhoud. Alles wat wij daaromtrent denken: eenheid, veelheid, noodzakelijkheid, werkelijkheid, brengt onze geest spontaan, kategoriaal uit zichzelf naar aanleiding der gewaarwordingen voort. Want hij verbindt deze gewaarwordingen aldus tot een systematisch geheel, de objectieve wereld.

Traden de denkvormen niet in, dan zoude er niets overblijven dan de onsamenhangende veelheid der zinnelijke gewaarwording, „ein Gewine ungeordneter Empftndungen". Daarom kunnen dan ook volgens Kant de denkvormen evenmin als de aanschouwingsvormen resultaat der ervaring zijn, ze worden ons door de ervaring niet aangebracht; integendeel zij vormen den inhoud dier ervaring tot een ordelijk geheel, zij constitueeren de hoogere eenheid der objectieve wereld en zoo mogen ze constitutief voor onze kennis heeten.

Sluiten