is toegevoegd aan je favorieten.

Groote denkers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

53

G o d d e 1 ij k, omdat zij het negatief Goddelijke negeert; relatief bovennatuurlijk, omdat zij den mensch boven den zelfzuchtigen horizont van zijn natuurlijkheid verheft. — Hier werkt de heiligende Geest, de genade.

Gelijk nu het verschil tusschen God (het Absolute Subject) en mensch (het „eingeschrankte" subject) de voorwaarde tot de verlossings-behoefte is, zoo blijkt de eenheid tusschen beiden de voorwaarde tot de verlossingsmogelijkheid. Daartoe echter moet de mensch niet slechts naar zijn wezen met God één zijn, hij moet dit tevens teleologisch worden en wel door Gods hoogste doel tot het zijne te maken. Breekt deze ethische gezindheid, die met de genade ident is, door, dan is de mensch verlost.

Maar niet slechts de mensch, ook de kosmos is „erlósungsfahig' . En wel, aangezien ook deze wereld een absoluut afhankelijke schepping is van den wereld-Grond. Op zichzelf mag ze een werkelijkheid heeten, een werkelijkheid, die staat in het conflict harer leden, aan den anderen kant is deze realiteit toch ook wederom gansch en al een openbaring van den Goddelijken wil en wijsheid, die haar teleologisch voortleidt tot haar einddoel. Aldus moet de wereld van zich zelf verlost worden doordat het op de door ons aangegeven wijze komt tot een „Zurücknahme der raumlich-zeitlichen Erscheinung in das ewige Wesen", waarmede het nu bestaand onderscheid tusschen Wezen en verschijning ophoudt en God weder „alles in allen" wezen zal. Dan gaat het woord in vervulling „er zal geen tijd meer zijn". Want de tijd, die slechts ontstaan kan uit de verheffing van den wil Gods, aangezien hij samenvalt met de beweging der geschapen dingen, is niet anders dan een „Blasé auf dem Ozean der Ewigkeit" en dan, bij de wereld-opheffing zal alle onrust der bewegelijkheid zijn opgeheven in de rust van den niet meer functioneerenden Absoluten Geest. Deze verlossing zal tevens een verlossing Gods uit Zijn immanentie van het reëel-ideëel wereld-proces moeten heeten.

In de verlossings-behoefte der wereld is volgens Hartmann