is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedenkboek ter herinnering aan het overlijden van Dr. A. Kuyper en de sprake die daarbij uit de pers voortkwam

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volstaan met de belangstellenden te verwijzen naar een verdienstelijk opstel daarover van R. C(asimir) in „School en Leven." *)

Dat is al meer dan voldoende, om de zwijgers uit antipathie, zoo die er zijn, zich diep te doen schamen.

H. PADBERG.

„Stadiën en Schetsen" (2e Serie Dec. 1920).

Prof. Mr. D. P. D. Fabius schrijft in zijn periodiek:

„Het heengaan van zoo machtige persoonlijkheid als was Dr. Kuyper, heeft in het gansche land het gevoel gewekt dat daardoor eene leegte is ontstaan.

Mijn oordeel over zijne werkzaamheid heb ik veelszins moeten, ook willen zeggen, en gezegd bij zijn leven.

Uit het daarover geschrevene zij hier aangehaald wat voorkomt op bladz. 67/68 dezer serie:

Groote overeenstemming is er tusschen de positie, de beteekenis van Groen van Prinsterer op staatkundig gebied, en die van Dr. Kuyper op godsdienstig, theologisch, kerkelijk terrein.

Moge al des laatstens werkzaamheid op staatkundig gebied — althans in het laatste kwart-eeuw — minder heilzame vruchten hebben gedragen en de anti-revolutionaire beginselen zelfs meer hebben vervaagd dan versterkt, — toch mag dit nooit doen voorbijzien den buitengemeen zegenrijken invloed, die van Dr. Kuyper is uitgegaan op het gebied van theologie in den ruimsten omvang.

Zelfs valt bijzondere overeenkomst op te merken tusschen Groen van Prinsterer en Dr. Kuyper wat vorming en positie aangaat.

Ook Dr. Kuyper was niet van-huis-uit Gereformeerd. Verre van dien. Meer als Groen in diens jeugd.

Voorts is ook Dr. Kuyper geleid tot aansluiting bij de Calvinistische levensopvatting en de Gereformeerde volkskern.

Ja, hij heeft de oude Gereformeerde leerstukken weer voor den dag gehaald en geplaatst in het volle licht; ze tot nieuw leven gebracht door de macht van zijnen geest; nieuwe loten uit den ouden stam doen voortkomen. Dr. Kuyper heeft den moed gehad, aan de volle dwaasheid des kruises zijnen naam als wetenschappelijk man te wagen. Met de nachtschool en al wat verder achterlijk was in de oogen der heele en halve lichtvrienden, is hij neêrgeknield voor de oude waarheid. En — dit als grond van al het overige — hij heeft weêr leeren buigen voor den Bijbel; voor den ganschen Bijbel; voor den Bijbel als het Woord van God.

') Nov. 1917, kol. 145-151.

7