is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedenkboek ter herinnering aan het overlijden van Dr. A. Kuyper en de sprake die daarbij uit de pers voortkwam

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woord. Hij vertolkte wat er leeft in het Calvinistisch volk. Hij was trotsch op zijne „kleine luyden" en hij had hen lief. En zij zwoeren bij zijne woorden, hielden vast aan zijne adviezen, wier juistheid misschien niet immer, maar toch meestal proefondervindelijk bewezen werd.

Ik weet het. In veler oog was hij een paus. Zij hebben niet opgehouden hem zóó te karakteriseeren. Ten laatste waren er zelfs onder zijn volgelingen, die meesmuilden over zijn despotisch juk. Ik zal niet ontkennen, dat hij soms het „sic volo, sic jubeo" in toepassing bracht. Maar geleden daarvan hebben slechts zij, wier potenties omgekeerd evenredig waren aan hunne posities. Met het klimmen der partijmacht klom ook de invloed en met dien invloed wies de partij. En daarmede ontwaakte in velen de drang naar voordeel en eere. Juist daarin onderscheidde zich Kuyper, dat hij wars was van alle nepotisme. Zijne beste vrienden zelfs scheen hij soms met opzet voorbij te gaan. Bij Kuyper woog slechts partijbelang. Als een goed veldheer rekende hij slechts met de zegepraal en niet met hen, die haar moesten behalen. Is het wonder, dat de middelmatigheid in stillen nijd soms een haat voedde tegen het juk, vooral dan als de knallende zweep tot gehoorzaamheid maande? Soms was er iets, dat aan de conspiraties herinnerde, die eenmaal Caesar vallen deden. Het is waar, niet altijd is hij billijk geweest, maar het onbillijkst was hij tegen hen, die hem het meest hebben gevleid en den moed misten om tegenover hem waar te zijn, toen het tijd was.

Theoretisch was Kuyper een menschenkenner als weinigen, maar practisch was hij dit niet. Hij was te gevoelig voor lof en blaam om vriend en vijand immer te onderscheiden met klaarheid. En groot is het leed, hem daardoor meer dan eenmaal overkomen.

Zoo stond Kuyper als de personificatie zijner partij en dus in voortdurend conflict met allen, die buiten en binnen de partij zich tegen hem stelden. De worsteling met zijne tegenstanders in beginsel heeft hem steeds gesterkt. Uit zulk een strijd keerde hij machtiger terug, omdat zijne geestverwanten zich er door bevestigd gevoelden in hunne aanhankelijkheid. Maar het conflict met wie hem omringden, was niet steeds voor het partijleven zegenrijk. Naast hem was er voor geen ander plaats. En dit niet, zooals wel gezegd werd, om zijn verwaten eer- en heerschzucht, maar om de redding van de eenheid der partij, om het behoud der discipline, onmisbaar voor de kracht tot slagen. Hoe juist hij daarin zag, bewezen zijne laatste jaren, waarin langzaam de tucht losrafelde en de teugels niet altijd zoo vast in zijne hand waren. Er was een beginsel van ontbinding, dat eene inzinking baarde, die de Antirevolutionaire Staatspartij de hegemonie deed inboeten, die zij op Protestantsch Christelijk terrein politiek heeft gehad, zoolang Kuyper's leiding effectiei was. Zij had deze verkregen door het organisatorisch genie van haai leider en door de inspireerende kracht harer beginselen. Doch hel feit, dat de verslapping zijner hand onmiddellijk reageerde in eene daling der partijkracht, toont meer dan iets anders, hoe innig zij was