is toegevoegd aan uw favorieten.

Gedenkboek ter herinnering aan het overlijden van Dr. A. Kuyper en de sprake die daarbij uit de pers voortkwam

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minachting voor het verfoeide standpunt. Ik geloof niet, dat hij daarbij menschen opzettelijk wilde kwetsen. Ik geloof, dat hij nauwelijks menschen zag. Hij zag dragers van begrippen en denkbeelden. Hij kon den eenen dag heftig in de Kamer tegen iemand uitvaren, om den volgenden dag genoegelijk met hem te eten. Zooals Ruskin verwonderd was wanneer een schilder boos was, persoonlijk boos, om een afbrekende critiek op zijn werk, zoo was Kuyper verbaasd, als men zich over zijn klauw en slag verwonderd toonde. „Het zijn toch mannen," placht hij te zeggen.

En dan gewaagt prof. Casimir van de verdienste van Dr. Kuyper als driestarschrijver.

Hij prikkelde tot nadenken, tot onderzoek, tot verweer, hij schiep belangstelling in de publieke zaak. Niemand zal hem daarbij een ontembaren moed ontzeggen, en hij bezit alzoo eenige raseigenschappen van den echten journalist. En de Nederlandsche dagbladschrijvers hebben, als ik mij niet vergis, het zich steeds tot een eere gerekend, dat hij een der hunnen was, en hem zijn „persmuskieten" en ..scribenten" gaarne vergeven.

Overgenomen uit het Nieuws van den Dag.

„Oprechte Haarlemsche Courant" 9 Nov. 1920.

Zoo is dan, na een slechts korte ongesteldheid, een einde gekomen aan het leven van Doctor Abraham Kuyper, den Staatsman-theoloogpublicist, wiens invloed op het maatschappelijk leven van de laatste halve eeuw in ons Vaderland van zoo onmiskenbaar grooten invloed is geweest, den man, die zijn leermeester Groen van Prinsterer heeft overtroffen en Thorbecke in de politiek ter zijde streefde.

Op 83-jarigen leeftijd — Dr. Kuyper werd 29 October 1837 geboren — heeft hij het tijdelijke met het eeuwige verwisseld. Geheel onverwacht komt zijn overlijden niet. Immers te somber getint waren de berichten, die zijn blad, De Standaard, de laatste weken omtrent zijn toestand bevatten.

Intusschen: Welk een leven is daar geëindigd. Mogen we niet veilig zeggen, dat Abraham Kuyper drie, viermaal geleefd heeft? Staatsman-theoloog-publicist. En welk een Staatsman! Hoe krachtig een theoloog! Hoe stoer een publicist! Hoe weinigen, die in één der hier drie genoemde functies slechts maar een gedeelte bereiken van wat Kuyper in zijn leven wrocht. O, velen die uitblinken in onze t dagen in kennis en kunde in ons klein Nederland, maar weinigen, die de zeldzame vereeniging van gaven bezitten en vermogen te ontplooien als deze doode placht In waarheid: hij is een der reuzenboomen in 't bosch geworden.

De parlementaire medewerker van de Opr. Haarl. Courant schrijft:

De tijding van Kuyper's overlijden is niet onverwacht gekomen.