Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11 Nu is echter Christus opgetreden als hoogepriester voor de toekomstige heilsgoederen: hij is door de grootere en volmaaktere tent, die niet met handen is gemaakt — dat wil zeggen die niet tot deze schepping behoort — ééns voor al het heiligdom binnengegaan;

12 en dat niet door het bloed van bokken en kalveren, maar door zijn eigen bloed; en daarmede heeft hij een eeuwige verlossing weten te bewerken.

De volmaaktheid van Jesus' Offer in het Nieuwe Verbond.

11 Maar Christus, optredend als Hogepriester der toekomende goederen, is het Heiligdom binnengegaan door de grotere en volmaaktere Tabernakel, welke niet met handen gemaakt is, — dat wil zeggen, welke niet tot deze schepping behoort; —

12 niet door bloed van bokken en kalveren, maar door zijn eigen Bloed; ééns voor altijd, daar Hij een eeuwige verlossing verworven had.

De nieuwe ordening. 11 Maar Christus, opgetreden als hogepriester der verworven goederen, is door den groteren en meer volmaakten tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van deze schepping,

12 en dat niet met het bloed van bokken en kalveren, doch met zijn eigen bloed, eens voor altijd binnengegaan in het heiligdom, om een eeuwige verlossing te verwerven.

13 Want indien het bloed van bokken en stieren en de asch van de vaars, op de verontreinigden gesprenkeld, hen heiligt, zoodat zij uiterlijk gereinigd worden,

14 hoeveel te meer zal dan het bloed van Christus, die door den eeuwigen Geest zich vlekkeloos aan God heeft geofferd, ons innerlijk reinigen van doode werken, om den levenden God te dienen.

13 Want zo het bloed van bokken en stieren, en de besprenkeling met as van een koe, de onreinen heiligt tot de reinheid van het vlees,

14 hoeveel te meer zal dan het Bloed van Christus, die door een eeuwigen Geest Zich als smetteloos Offer opdroeg aan God, ons geweten reinigen van dode werken tot de dienst van den levenden God? —

13 Want als (reeds) het bloed van bokken en stieren en de besprenging met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt, zodat zij naar het vlees gereinigd worden,

14 hoeveel te meer zal het bloed van Christus, die door den eeuwigen Geest zichzelf als een smetteloos offer aan God gebracht heeft, ons bewustzijn reinigen van dode werken, om den levenden God te dienen ?

15 En daarom is hij middelaar van eene nieuwe beschikking, opdat de geroepenen het hun toegezegde eeuwig erfgoed zouden ontvangen, nadat een sterven had plaats gevonden ter bevrijding van die overtredingen, welke begaan waren onder de eerste beschikking.

16 Immers, waar het gaat om een uiterste wilsbeschikking, moet het sterven van den erflater vastgesteld zijn.

17 Want een uiterste wilsbeschikking heeft alleen rechtsgevolg in geval van overlijden, daar zij nooit in werking treedt, wanneer de erflater nog leeft.

18 Daarom is ook de eerste beschikking niet zonder bloed ingewijd.

19 Want nadat, overeenkomstig de wet, alle geboden door Mozes aan het gansche volk mondeling

waren uvergeoracnt, nam mj net bloed der kalveren en der bokken met water en scharlaken wol en hysop, en besprenkelde het betreffende wetboek en het gansche volk,

20 terwijl hij sprak: Dit is het bloed van de wilsbeschikking, welke God met het oog op u verordend heeft.

21 En ook den tabernakel en al

ae gewijae voorwerpen besprenkelde hij op dezelfde wijze met het bloed.

22 En met bloed wordt bijna alles volgens de wet gereinigd, en zonder bloedstorting vindt geen vergeving plaats.

Jesus,

de ware hoogepriester, brengt

het ware offer, ééns voor al.

23 Zoo is het dan noodzakelijk, dat de afbeeldingen van hetgeen zich in de hemelen bevindt, gereinigd worden door genoemde middelen, maar de hemelsche dingen zelf door betere offeranden dan deze.

15 En daarom is Hij de Middelaar van een nieuw Testament, en is Hij gestorven tot verzoening van de overtredingen van het eerste, opdat de uitverkorenen de beloofde eeuwige erfenis zouden ontvangen.

16 Want waar een testament is, daar moet de dood van den erflater worden vastgesteld.

17 Want het testament wordt eerst bindend door de dood, daar het niet van kracht is, zolang de erflater leeft. —

3 8 Daarom ook is het eerste testament niet ingewijd zonder bloed.

19 Want nadat Moses alle voorschriften der Wet aan heel het volk had afgekondigd, nam hij het bloed van kalveren en bokken met water, purperwol en hysop, en besprenkelde het boek zelf en heel het volk,

20 terwijl hij sprak: „Dit is het bloed van het verbond, dat God met u heeft gesloten."

Ex. 24 : 8.

21 Eveneens besprenkelde hij de tabernakel en al het benodigde van de eredienst met het bloed;

22 ook wordt volgens de Wet nagenoeg alles door bloed gereinigd, en zonder bloedstorting is er geen vergiffenis.

23 Het was dus noodzakelijk, dat de afbeeldingen der hemelse dingen op die wijze werden gereinigd, maar de hemelse dingen zelf door volmaaktere offers.

15 En daarom is Hij de middelaar van een nieuw verbond, opdat, nu Hij den dood had ondergaan om te bevrijden van de overtredingen onder het eerste verbond, de geroepenen de belofte der eeuwige erfenis ontvangen zouden.

16 Want waar een testament is, moet noodzakelijk van den dood van den erflater melding gemaakt worden;

17 een testament toch wordt alleen van kracht, indien er iemand gestorven is, daar het nog geen gevolg heeft, zolang de erflater leeft.

18 Daarom is ook het eerste (verbond) niet zonder bloed ingewijd.

19 Want nadat door Mozes elk gebod volgens de wet aan al het volk was medegedeeld, nam hij het bloed der kalveren en der bokken met water, scharlaken wol en hysop en besprengde het boek zelf en al het volk, zeggende:

20 Dit is het bloed van het verbond, dat God u heeft voorgeschreven.

Ex.24 : 6—8.

21 En ook den tabernakel en al het gereedschap voor den eredienst besprengde hij met bloed.

22 En nagenoeg alles wordt volgens de wet met bloed gereinigd, en zonder bloedstorting geschiedt er geen vergeving.

23 Noodzakelijk moesten dus hiermede de afbeeldingen van de hemelse dingen gereinigd worden, maar de hemelse dingen zelf met betere offeranden dan deze.

Sluiten