is toegevoegd aan je favorieten.

Dr. Herman Bavinck

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deling eenvoudig over de grens zou worden gezet. Maar indien de broeders uit de Nedergraafschap jongelingen wilden zenden, die lust en aanleg tot de studie hadden, zouden ze in Nederland worden opgeleid en dezen zouden, eenmaal afgestudeerd, geen gevaar loopen uit het land te worden gewezen. Waarschijnlijk was de aangeboren wijfelmoedigheid der Graafschappers oorzaak, dat zij nog bijna twee jaar wachtten, eer zij dien weg insloegen. Eerst toen besloten zij een jongeling naar Nederland te zenden. Die jongeling was B a v i n c k. Deze verkiezing droeg zich naar onze begrippen zeer eigenaardig toe. De vergadering — aldus B a v i n c k zelf — „had plaats in het begin van het jaar 1845 te Brandlegt, gelegen tusschen Bentheim en Nordhorn, en bestond uit 22 opzieners, terwijl een zestal jongelingen waren uitgenoodigd om op die vergadering te verschijnen. (Na) knielende gebeden te hebben ging de vergadering er toe over om te beraadslagen, of men er één uit deze jongelingen zou verkiezen. Nadat hiertoe besloten was, werden de jongelingen onderzocht met het gevolg, dat er elf stemmen op mij en evenzoovele stemmen op een anderen jongeling uit de gemeente Uelsen werden uitgebracht. Daar de stemmen gelijk waren, besloot men tot het gebruik van het lot over te gaan en na nogmaals knielende gebeden te hebben, werd ik door het lot aangewezen als de jongeling, die tot den dienst des Woords zou worden opgeleid".1)

Deze keuze bleek een zeer gelukkige. B a v i n c k, die door zijn schuchtere houding niet aanstonds de hoogste verwachtingen opwekte, ontbolsterde zich als een talentvol jongeling. Hij bezocht een der kleine theologische opleidingsscholen, welke toentertijd de Christelijke Afgescheidene Kerk in Nederland van dienaren voorzagen en wel die van Ds. W. A. Kok, die, toen B a vinck aankwam nog te Ruinerwold stond, maar een jaar later naar Hoogeveen verhuisde en zijn Theologische School met hem. Daar studeerde hij oude talen en theologie. Na drie jaren kon hij als candidaat naar zijn geboortegrond terugkeeren. Hij kon zich niet anders voorstellen of hij zou onder het kruis der vervolgingen zich moeten krommen. Gevangenisstraffen lagen ook voor hem in

*) A.w. bl. 19. De lezingen, die Beuker en Schoemaker van het geval geven verschillen hiervan eenigszins. Ik meende die van Bavinck zelf te moeten volgen.