is toegevoegd aan uw favorieten.

Dr. Herman Bavinck

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaat hij eigenlijk op. Maar hij laat er in één adem op volgen, dat het „misschien niet zooveel vrucht afwerpt als een geregelde studie met een bepaald doel voor oogen". Hierbij dacht hij aan het Arabisch. Hoe het met zijn dogmatische kennis gesteld is, blijkt uit deze zinnen : „Aan de kwestie van Rauwenhoff's privatissimum heb ik nog niets gedaan en — zal ik ook wel niet veel doen. Alleen zal ik er een oud-kerkelijk dogmaticus en Hase, Hutterus Redivivus, voor nalezen. Om de waarheid te zeggen, de kwestie zelve is me nog niet zoo helder als ik wel wenschte. Wel had ik nu van achter gehoopt, dat Rauwenhoff die kwestie niet zóó spoedig op het tapijt had gebracht; mijn theologische studie is nog te zwak om zoo zwaren last te dragen".

Toch doken in 1877 weer examen-visioenen op. Vóór Kerstmis wilden de beide vrienden de eerste helft van hun candidaats in de theologie afleggen. „Ik ben versterkt in de meening omtrent de uitvoerbaarheid van ons plan", schrijft B a v i n c k naar Leiden. Als hij echter kort daarop een reisje maakt naar Almkerk, waar alles op drie huizen na afgebrand was en logeert bij zijn vroegeren leermeester, De Boer, dan stoft hij wel een beetje op zijn niets doen —„Heel blij was ik toen ik verleden Vrijdag voor een 14 dagen al dien rommel op zij schuiven en me aan 't onverdeeld genot van 't gezelschap van oude vrienden overgeven kon. 'k Heb natuurlijk geen een boek — tenminste geen studieboek — meegenomen en zwerf hier van 's morgens 6 tot 's avonds 10 uur in onbeperkte vrijheid rond". Maar geheel van zorg ontslagen is hij niet.Hij wordt weer door examen-vrees gekweld. Voor „Inleiding" is hij niet zoo erg bang. Maar voor de Godsdienstgeschiedenis. „Over 't algemeen is me Tiele's boek niet heel best bevallen. Ik geloof, dat het een zeer mooie handleiding is voor wie eigen studie er van maken wil, maar zooals voor mij, wien 't alleen om een idé van de verschillende godsdiensten te doen is, geeft het niet zooveel als ik verwachtte. Ik heb wel veel vreemde namen gehoord, ook wel een korte en zeker wel kernachtige karakteristiek, maar toch niet genoeg, 't Grootste gedeelte van dat niet-bevallen zal echter wel in mijn onkunde liggen, en daarom schort ik mijn oordeel liever tot later op". Een zeer bezadigde recensie. En dat voor een student!

In één der maanden, die nu volgen, valt de eerste persoonlijke