Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onderwerp mij dikwijls storend door den geest zullen gaan. De woorden beroepen zich op het onvergelijkbare en onvereenigbare van de twee, om welker vergelijking en vereeniging het bij de incarnatie juist gaat. Dit is niet alleen eene theoretische moeilijkheid: beide laten zich niet in éénen denken; maar vóór alles eene practische, of liever eene existentieele, die den geheelen mensch in zijn diepste wezen raakt: beide laten zich niet in de levens-werkelijkheid verbinden. Tenzij dan dat deze verbinding als een wonder wordt aanvaard, d. i. voor het geloof. Alleen zóó wordt de moeilijkheid wel is waar niet weggenomen, maar opgeheven.

IX. LITTERATUUR

In de eerste plaats komt in aanmerking de litteratuur van kerkelijken en van theologischen aard. Naast de gegevens der H. Schrift en de boeken, die deze behandelen, hebben wij in de eerste plaats te doen met de geschriften der oude kerk, bepaaldelijk met die van Irenaeus en Athanasius. Voor de Oostersch-orthodoxe kerk komt vóór alles Johannes Damascenus in aanmerking; van de tegenwoordige modernisten noemen wij Wladimir Solovjeff en Nicolay Berdiajew. Voor de kerk der middeleeuwen zijn Thomas Aquinas en Bonaventura representatief. Na de Reformatoren heeft in de 16e eeuw bepaaldelijk Zanchius het onderwerp behandeld. Later hebben vooral Anglicaansche theologen zich aan dit onderwerp gewijd, als: Gore, Ottley, Hall, Relton, Thornton, Lord. Ook Engelsche theologen van andere kerken. Het groote boek van Dorner is nog altijd van belang. De dialectische theologie heeft ook dit onderwerp opnieuw behandeld. Ten onzent hebben wij het boek van Dr. Kuyper over de vleeschwording. Sedert is het onderwerp slechts bijkomstig, in verband met de christologie in haar geheel behandeld, in een aantal opstellen van verschillenden huize.

Voor de incarnatie in het algemeen verwijs ik naar de godsdiensthistorische litteratuur en naar die, welke antieke en moderne stelsels en wereldbeschouwingen behandelen.

Ook werken, die over de verhouding van natuur en geest, lichaam en ziel handelen, dienen te worden geraadpleegd.

Ik noem geen titels. In het verloop van deze studie worden van zelf die boeken, welke mij het meest hebben gediend, genoemd of aangehaald.

Sluiten