is toegevoegd aan uw favorieten.

De incarnatie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het Oostersche leven met het Christendom. Elke zinrijke en vruchtbare geesteshouding of wereldbeschouwing is niet maar een conglomeraat van afzonderlijke deelen. Zij vormt een levend geheel, een bepaalde structuur, een type, waarvan het wezen phaenomenologisch kan worden ontdekt. Dit is iets waartoe ernstig onderzoek en oprechte geestverwantschap noodig zijn. Anders vervalt men tot steriel syncretisme en dilettantisme. Ik heb deze trekken kenmerkend genoemd voor het Orientalisme en de gnostiek. Ik meen ze te herkennen in de moderne verschijnselen, waarop ik doel en ik aanvaard zonder voorbehoud de qualif icatie „moderne gnostiek ^, die door een reeks van wetenschappelijke voordrachten er op is toegepast.1) Ik denk aan de gemakkelijkheid, waarmede zekere schema's worden gehanteerd: de parallel van micro- en macrocosmos; de onderstelde al-eenheid van wat op eenige wijze geestelijk is; de eindelooze herhaling; het dualisme als achtergrond.

Aan al deze richtingen is gemeen het occultisme, de smaak voor het occulte, het verborgene, wèl te onderscheiden van het mysterie. Het laatste is de goddelijke verborgenheid, die alleen openbaar wordt voor zoover het God behaagt haar te openbaren, voor het geloof. Het eerste is het verborgene, dat slechts ontoegankelijk is voor de zg. officieele wetenschap en den kerkelijken godsdienst, waarvan men meent, dat zij de middelen daartoe missen. Maar deze worden geacht bij de ingewijden aanwezig en effectief te zijn, als geheime kennis en als verborgen middelen om tot de vereeniging met het wezen der dingen te geraken.

De theosophie is van deze richtingen in zekeren zin de oudste. Toch is zij betrekkelijk jong, omdat wat in vorige eeuwen theosophie genoemd werd en b.v. in Paracelsus, Jacob Böhme en Von Baader zijne vertegenwoordigers vindt, een geheel ander karakter draagt. Voor dezen ging de weg van het geloof, het Christelijke, tot de kennis, niet slechts van de openbaring van God, maar van God zeiven. In zooverre had dus de kennis eenerzijds een grens: zij onderstelde de openbaring en het geloof. Maar andererszijds was zij onbegrensd: zij raakte het wezen van God. De moderne theosophie is van een geheel anderen geest en makelij. De kennis heeft geen grenzen. In de eerste plaats beperkt zij zich niet tot het Christelijke geloofsbezit, maar zij neemt dit op in het onbegrensde geheel van wat zij acht

1) Th. L. Haitjema, H. Schokking, J. Ch. Kromsigt, Christusprediking tegenover moderne Gnostiek: anthroposophie, theosophie, Christian Science, 1929.