is toegevoegd aan uw favorieten.

De incarnatie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoon van David, als praedicaat van den Messias. In de zelfde richting wijst de benaming Zoon des menschen, apocalyptische aanduiding van den hemelschen mensch, die in heerlijkheid zal komen, door Hem in verband met het lijden gebracht. Ten slotte wordt de naam Zoon van God op Hem toegepast. Feine onderscheidt bij de synoptici vierderlei beteekenis: de metaphysische, de religieuze, de theocratische en de specifiek religieuze en „wesenhafte". *) Natuurlijk beteekent deze onderscheiding geen scheiding. De laatste beteekenis is het, die alle andere draagt en verbindt. Zij is die van „den Zoon, dien de Vader alleen kent en van den Vader, dien de Zoon alleen kent en wien het de Zoon wil openbaren." 2) Het gaat niet aan de quintessence der synoptische Evangeliën samen te vatten in de opvatting, dat Jezus alleen mensch is, zij het al eenig in graad. Warfield heeft gelijk: „We may reject if we please the christology of the Evangelists, and, rejecting it, insist that Christ was not divine-human, but simply a human being. But we can get no support for the private and possibly pious opinion of our own from the writings of the Evangelists." 3)

Dit geldt zeer bepaaldelijk van het Evangelie van Johannes. Al aanstonds wordt hier de benaming: de Zoon zonder meer in unieken zin gebezigd voor de betrekking tusschen Christus en den Vader. Het: eeniggeborene is hiervan slechts de verduidelijking. Die Zoon brengt de volle openbaring door zijn woord en werk; meer nog: Hij is deze zelf. Hij leeft in deze wereld, waarin hij vleesch heeft aangenomen, als een gast, zoo niet als een vreemdeling. Hij is eigenlijk boven-wereldsch. Ook tijdens zijn aardsche leven is sprake van Hem, als die in den hemel is. 4) Het woord Zoon heeft hier dus de laatste der vier in de synoptische Evangeliën voorkomende beteekenissen. Het duidt aan wat Feine noemt „die Gottessohnschaft Jesu in einem nur ihm eignenden religiösen und wesenhaften Sinn".5) Maar het mensch-zijn is in Hem toch ook reeël en concreet, gebonden aan de Messiaansche figuur van Israëlietischen huize. Daarom worden de woorden Zoon en Christus vaak als gelijkwaardig gebruikt. De naam Zoon der Menschen komt ook hier voor in de Messiaansche beteekenis van het woord en in de verbinding van

') Paul Feine, Theologie des Neuen Testaments4 1911 S. 112 ff.

2) Matth. 11 : 26.

3) B. B. Warfield, The two natures and recent christological speculation, Amer. Journal of Theol. July/Oct. 1911, p. 555 f.

') Joh. 3 : 13.

6) P. Feine, a. a. O. S. 116.