Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is. De kerkelijke geschiedenis van de incarnatie-leer van den laatsten tijd staat dus meer tusschen dan op de regels te lezen. Ambtelijk is zij onaangeroerd gebleven. Ook de jongere Kerken — men denke aan de Presbyterianen in Amerika, de Baptisten, de Congregationalisten en Methodisten, zijn in dit opzicht aan het verleden trouw gebleven. x)

Wij zullen dus, als wij de doorwerking der critiek, die wij hebben aangewezen, willen volgen, ons moeten richten niet tot de Kerk als Kerk, maar tot hare vertegenwoordigers, leden of groepen; niet tot hare belijdenis, maar tot de theologie, zooals deze zich in groote vrijheid van beweging heeft ontwikkeld en tot de uitingen van het geestelijke leven in anderen, veelszins losseren, vorm. Hierbij moeten wij ons herinneren, dat de Reformatie eene groote concentratie van kracht en eenzijdigheid van actie beteekent. Zij heeft alles gezet op het direct religieuze, op de betrekking tusschen God en mensch in haar kern; men denke aan den strijd om de rechtvaardiging door het geloof. En zij heeft daarbij positie genomen tegen alles wat hiervan afweek of met deze afwijking besmet was. Het is waar, wat Kierkegaard opmerkt, dat de Reformatie een correctief was en gevaar liep een regulatief te worden. 2) Maar duurzaam is toch wel haar visie op het geestelijke leven, als een leven van persoonlijke betrekking van de geloovigen tot God. Vandaar de nadruk op de persoon van Jezus Christus als die deze betrekking legt; op den H. Geest, die haar onderhoudt. In dit licht moet ook de incarnatie worden gezien, welke plaats geeft voor eene betrekking tusschen het God-zijn en het mensch-zijn, zóó innig, dat één persoon deze beide zijns-wijzen in zich samenvat en tegelijk zóó — als ik het woord mag gebruiken — kiesch, dat van eene samenvloeiing van beide zijns-wijzen geen sprake is. Dit is de groote paradox, het heilige wonder, waaraan echter niet alleen een negatieve zin mag worden gehecht. De incarnatie beteekent meer dan — hoezeer ook — een incognito. Zij beteekent ook eene positieve verbinding van twee ongelijkmatigen. Men kan deze verbinding persoonlijk noemen. Ook organisch. Zij wil hiermede niet worden verklaard, doch geconstateerd in woorden, die ons iets zeggen.

Hierbij zullen wij nooit mogen volstaan met de woorden, waarin

!) Vgl. W. A. Curtis, 1. c. p. 286 ff.

2) S. Kierkegaard, Die Tagebücher hrsgeg. von Th. Haecker, 2r B. 1923, S. 285.

Sluiten