Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gesproken. In elk geval heeft deze theologie, apologetisch tot het uiterste, ons zeer weinig te zeggen.

Het blijkt ons, dat met „handhaving" der incarnatie zeer verschillende posities kunnen worden aangeduid. In de eerste plaats hebben wij onderscheiden tusschen hen, die de beperkte en die de volledige incarnatie aannemen. De grens tusschen beiden is niet vast. Vooral bij de Angelsaksische theologen komt het voor, dat men oud en nieuw, de onderstellingen van het klassieke geloof der Kerk en de z.g. eischen van het moderne leven en denken tracht te verbinden. Zoo zou bisschop Gore, dien wij onder de eerste groep hebben gerekend, ook onder de tweede met vele van zijne stellingen plaats kunnen vinden. Wij hebben ons dus moeten laten leiden door de wijze, waarop het accent valt. En ook onder hen, die de incarnatie onverkort willen handhaven, komt groote verscheidenheid voor. Sommigen handhaven gelijkelijk den vorm en den inhoud; anderen zoeken voor den ouden inhoud naar nieuwe vormen; nog anderen meenen te zien, dat met de vormen ook de inhoud wijziging ondergaat en denken daarbij aan verheldering van inzicht en vermeerdering van geloofsbezit in de Kerk en bij de enkelen. De dialectische theologie met haar paradoxie bijna quand mème is wel geheel anders dan de Anglicaansche met haar via media. De incarnatie geeft tot deze verscheidenheid zelve aanleiding en stof, omdat zij eenerzijds de onderscheiding, andererzijds de vereeniging van God en mensch uitdrukt. En in beide gaat het om wat wij Brunner hoorden noemen: ,,Das Kommen Gottes zu uns" en wat bij Relton heet: „the advent of the Divine in it." Dat het zeer verschillend wordt opgevat en geïnterpreteerd kan ons eigenlijk niet verwonderen.

IV. SAMENVATTING

Als wij het beweeglijke beeld van den tegenwoordigen toestand t. a. van de incarnatie in zijn geheel goed trachten te zien, blijkt wel zeer duidelijk, van hoeveel belang deze grootheid is. Direct of indirect, bewust of onbewust, beheerscht zij de theologische en religieuze houding van den enkele, de groep of de Kerk. Men kan zeggen, dat er belangrijker geloofsartikelen zijn, b.v. dat betreffende de rechtvaardiging door het geloof of de verkiezing, in zooverre deze te doen hebben met de wijze, waarop de mensch tot God in

Sluiten