Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ooft - Indifche Compagnie. 241 1635 aanlandde, van den Heuvel op zyn beurt uit het bewind ftiet en aldaar in zyne voorige eer herlield wierd; waar na van den Heuvel bevel kreeg: om zig op Batavia nopens zyn gehouden gedrag te verantwoorden; die dan ook daar heen vertrok en zig zoo onbetaamlyk omtrent de Hooge Regeering aanftelde, dat deeze hem door hunnen Fiskaal in Rechten betrokken en hy door den Raad van Juftitie gevonnift wierd, om als een Lasteraar op het Schavot zyn ftraf te ontvangen; waar na hy voor infaam wierd opgezonden; vervolgens heeft hy zig by de Engelfchen in dienft begeeven, die hem zelvs in 't jaar 1639, als haar afgezant naar Holland zonden, om was het doenlyk de oude verfchillen by te leggen j Doch Bewindhebberen onzer Maatfchappye wilden hem als zodanig één niet erkennen , dies hy onverrichter zaaken, moeft vertrekken.

In Herfftmaand 1635. vertrok Artus Gyzelsmet twee Amboineefche Edellieden naar Batavia, laatende tot zyn Vervanger Jochem Koelofsz van Deudekum; dit was een trotfch en hoogmoedig Man en (fchoon aan hem door den Heer Gyzels een wydloopige memorie omtrent het beftier dezer Landvoogdye was gegeeven, welke memorie onder ons beruft, doch is veel te wydloopig om hier te plaatfen) handelde hy egter de Amboineezen, zooBondgenooten als onderdaanen, zeer flegt en zelvs veel erger dan van den Heuvel^ waar door meeft alle de Inwoonders van ons afvielen, eenigen met hunne goederen naar het gebergten vluchten en veelen van hun zig by de oproerige begaven, die met deezen onderftand ftoutmoedig wierden en één onzer Forten langen tyd belegerden, het welke egter door de dapperheid der bezettelingen , beftaande flegts : II. Deel. Q uit

Sluiten