Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Frcderik den Grooten en den Heere de Foïtaire. 33

had , maakte vrede met de Oostenrijkers. Maria Therefia ftond hem , met zeer veel tegenzin , het Graaffchap Glatz, benevens Silezie af. Zieh op die voorwaarde, in de maand Junij 1742, zonder bewimpeling, van Frankrijk afgetrokken hebbende» fchreef hij mij, dat hij geneesmiddelen gebruikte, en dat hij andere zieken aanried zich te herfteliem

Dié Votst zag zich zeiven als toen in zijn grootfte vermogen , hebbende op zijn bevel honderd-dertig duizend zegepralende troepen gereed, wier ruiterij hij gevormt had , trekkende van Silezie eens zoo veel dan het zelve aan 't huis van Oostenrijk had opgebragt; Wel gevestigt in zijné nieuw veroverde Landen , en zoo veel te gelukkiger , daar alle de andere Mogendheden 'er bij leden. De Vorsten bederven zich thans door den krijg, hij had 'er zich mede verrijkt.

Hij keerde zijne zorgen, als toén, om de Stad Berlijn te verfraijen, om eene der fchoonfte Operazalen , die in Europa zijn , te bouwen, om aller.'ei konftenaars intelokken; want hij wilde , langs alle wegen, en zoo goedkoop mogelijk, zich beroemd maken.

Zijn Vader had een flecht huls te Potzdam betrokken, hij maakte 'er een Paleis van. Potzdam werd een aartige Stad. Berlijn werd grodC ter;

Sluiten