Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28 VERI-IANDELIN G.

„ De wonde bloedde vrij fterk, en ik verbond „ het alleen met een linnen doekje, als geenver„ moeden hebbende vaneenig kwaad. Hij toonde „ ook den gehelen dag geen tekens van dolligheid > p at en dronk, alleenlyk maakte hij dikwijls een „ vreemd geluid als of hij niesde. Maar tegens „ den avond viel hij aan opeen der katten en „ beet haar hevig en kort daar na beet hij ook de „ tweede, welke ik mij herinnerde, dat hij daags „ te vooren befprongen had, als of hij een teef „ voor zig had. — Dit bijten gaf mij kwaad 7, vermoeden, ik joeg hem weg en hij verfchool ^ zig onder een ledige bedftede.

„'De katten liet ik toen vangen en verdrin„ ken. Den volgende morgen was de hond niet

te huis, het welk nooit anders gebeurde, en „ kort daar na kreeg ik berigt door iemand, welke „ wel een half uur gaans van mijn huis afwoonde, „ dat mijn hond dol was en zeer veel honden „ gebeten had. — Kort daar na kwam hij te „ huis. ik liet hem vast leggen aan een ketting, „ om te zien wat toevallen zig verder moeten „ vertoonen: ondertusfchen kende hij mij zeec „ wel en deed geen leed aan een (pion, die naast „ hem ftond en tegens hem blafte. Hij keek zeer „ verwoed, gevende intusfchen wederom fterke „ blijken van de voorgemelden ffimülüs, en hoo„ rende dat 'er niet verre van daan bij een boer ' „ een loopfche teef was, zo zond ik om dezelve

„ te

Sluiten