Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CHRISTEL IJ KE GEZANGEN. i5 GEZANG VII.

De Lofzang der Engelen. i.

I'Temellingen daalden neder , Zij bragten Edens beil-ceuw weder. Heel de aarde juichte om Bethlehem. Tt Heerlijkst licht brak door de kimmen , Deed dal en hut van luister glimmen, Weerklinken van der Englen Item. Het vrugtbaar Efrata Galmd' vreugdetoonen na. Geen wedergaê Tan feestgeluid Muntte ooit zo uit: Daar niets deez' blijden koor-zang ftuitt'.

2.

" Eer' zij God, het hoogfte Wezen! Hij, door zijn fchepslen nooit volprezen , Heeft boven wolken zijnen troon. Legioenen Serafijnen , Ontelbre fchaaren Cherubijnen ,

Staan fteeds gereed op zijn gehoon.

sa.

Sluiten