Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ISRAËLIETEN. 795overeenkomftig met den indruk, die het op hem gemaakt had, verhaald was geworden. Elifa werd, zo 't fchynt, door deeze ontmoeting vry meer verrast, dan Eiias, die iets dergelyks vermoedde. Vcrplaatfmgen waren anders, gelyk wy terftond zien zullen, den Profceten niet zo geheel ongewoon: maar dit wegnccmen had volgens den zin van den ouden gcfchiedfchryver veel meer in zig.

„ Of zou hy ook misfchien alleen heb„ ben willen zeggen, dat de Profeet van

den donder getroffen was geworden ?"

Dit zou hy tog wel, gelyk men uit eene gebeurtenis in deeze cigenftc gefchiedenis van Eiias ziet (*), met ondubbelzinnige bewoordingen hebben weeten te zeggen, zonder dat hy eenigzins noodig had^ om het in eene taal te kleeden, welke by zyne eigene gewoonten zo frcrk afftak. Om* nu niet te zeggen , dat op die wys het uiteind van dien grooten man veel eer het voorkomen van een ftrafgerigt, dan van een uit-

mun-

2r^n; L vs' 10' Ia' Tei' deez" P'=ats (en dit Hoofdftuk gant dat, welk de wegvoering van Eiias behelst, onmiddelyk vooraf,) hebben wy een duidelyk bewys, hoedanig die Gefchiedfchryver zig plagnit te drukken, wanneer hy zeggen wilde, dat iemand'van den donder getroffen werd. Alwie nu terftond daarna het geval van Eiias leest, zal dc zaak door den zelfden fchryver zo geheel anders befchreeven vinden, dat hy zig zeiven zou moeten geweid aandoen, om té gelooven, dat daar van zulk een fterflot gefproken wordt, alsde vyftig mannen, die door den blikfem getroffen werden, ondergaan hadden. Ik beroep my op des 'leezers eigen oordeel. r

KoningeH van Juda en Israël.

II/. Boek.

IV. Hoorrjsr»

Aanmerkingen over den zin, waarin men lier oude vernaai deezer wonderbaars ge. beurtenis ta veftaan bobbe.

Sluiten