is toegevoegd aan uw favorieten.

Beschryving van Guiana, en een bericht van de rivieren en plantagien Berbice, Essequebe en Demerary. In brieven.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 219 )

fcrygen is, dan die, welke men door geweld of list aen zich zeiven weet te verfehaffen. 't Is byna eeniglyk het fchenden van een Vrouw, welk deze doodlyke wraekoeffening na zich fleept.

De Accawüws doen, even als de Caraïben, meenigvuldige (trooperyen in de landen hunner Naburen, om Slaven te bemachtigen % en de nabyheid hunner woonplaetzen fielt hen op hunne beurt byzonderlyk bloot voor de fcbieverhalende invallen dezer beledigde ftammen. Om dit voor te komen, zyn alle de toegangen tot hunne huizen afgezet met fcharpe (lukken van hard hout, die vergiftigd zyn , behoudende zy alleen een moeilyk te ontdekken bochtig pad, welk zy zelf gebruiken, en aen hunne landsluiden doorbyzondere teekenen bekend maken. Met de Nedelanderen verhandelen zy Slaven, Capivi Balfem, en een anderen Balfem, Arrecorerra geheten, welken ik reeds befchreven heb, Hiarree-wortelen, om te visfchen, olie van Caraba, die in groote Calabasfen verzameld wordt, en zoo in kleur als in dikte, zeer veel overeenkomst heeft met de Guineefcbe Palm-olie, doch onaengenaem is van fmaek, verfcheiden foorten van zeldzaem hout, als Letterhout, Ducolla-bolla, Ebbenhout enz., benevens Banieljes, Arnotta, Pyp-Casfia, Winteraenfche-bast, wilde Mufcaet-noten, wilde Ka* neel, Apen, Papegaiën, Parroquieten enz., van.

welk