Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3o GESCHIEDENIS

lyke dochter gezien heb; deze drift , die in haar begin, gelyk men zegt, zo veel zoetheid doet fmaaken, heeft my niet dan de allerlevendigfte ontroeringen doen ondervinden; de allerbitterfte denkbeelden hebben mynen geest overweldigd, en niet dan het allerongelukkigst lot in het toekomende doen voorzien; Want, hoe kan ik my, zonder vermetel te zyn, vleien aan de bekoorlyke Celide te behaagen? en indien het waar was, dat ik dit geluk te eeniger tyd zoude kunnen genieten, ik zou 'er niet gelukkiger door zyn. Mejufvrouw d e Bricour heeft Schoonheid, Deugd en Geest; zy is uit een bloed gefprooten, byna zo doorluchtig als het myne; maar zal myn'Vader, in wederwil van alle deze dierbaare hoedanigheden, myne drift hier in voldoen? de rykdommen die haar ontbreeken; (verachtelyke rykdommen moet gy ed'le zielen pynigen!) dit beuzelachtig voorrecht,zeg ik, zal 'er een'onoverkomelyke hinderpaal aan zyn; nimmermeer de eenige perfoon -kunnende bezitten, die my gelukkig kan maken , oordeel dus hoe groot de geftrengheid van myn lot is! Maar waarom denk ik aan het toekomende, daar ik my op

den

Sluiten