Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 7 )

zynen Vader aan, dat deeze hem toch zou 'aaten vertrekken om de waereld te bezien; doch zyn Vader antwoorde : Dat hy niet wel tedacht was, en wilde daar niet van hooren fp'reeken. Jongje, Jongje! zeide dan de moeder tegen hem, blyf te huis , en maak, dat gy dattr, op eene ordentlyke wyze aan de kost komt'. Op zekeren dag!

charlotte. Ei 1 ei! nu zullen wy hooren! klaas. Stil tochi

vader. Op zekeren dag, dat hy , naar zyne gewoonte, op de haven rond liep, zag hy eenen makker, die de zoon was van een' Schipper , en gereed ftond met zyn' Vader naar Londen te vertrekken.

kootje. Met den wagen?

gerrit. Neen, kootje, om te Londen te komen moet men te fcheep gaan, en zeilen over een ruim water, dat de Noordzee heet.— Nu verder?

vader. De makker vroeg hem: of hy geen' zin had om mede te gaan ? Gaarne zeide ksusoe, maar myne ouders zullen het niet willen hebben! Phoê, hernam da ander, doe het eens om de klucht, en gaa maar mede zo als gy daar ftaat! In drie weeken zyn wy weder hier, en aan uwe Ouders kunt gy A 4 im-

Sluiten