is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooneel-poëzy van het kunstgenootschap Oefening beschaaft de kunsten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38 DE VROUW NAAR DE WAERELD,

Myn lang uitblyven my niet verweten.

Hanna.

Dat is al veel.

Charlotta,

Hy

heeft zelfs, of ik het had van noden, My geld aangeboden om te fpeelen.

Hanna.

Wel!is't mooglyk? om te fpeelen u geld aangeboden! Och! Mevrouw, 't fpyt my dat ik hem befchuldigd heb. Hy is de beminnlykfle man op aard, Charlotta.

Zo ziet gy 't ook ?

Hanna. Vast. Dus hebt gy nu geen geld van

doen?

Charlotta.

Ja, zekerlyk : is dat vraagens waard' ? Hoe eer hoe beter.

Hanna.

Zoud gy het dan met een hartflerking van duizend Dukaaten kunnen Hellen ?

Charlotta. Och! myn lieve Hanna ! dat is heerlyk! dat is puik! Hebt gy ze ? geef ze my maar zonder tellen. Han na.

Een poos geduld: tegen een ten honderd 's maands, krygt gy ze binnen een kwartier zonder fout. Charlotta

Gy ?yt een aartige Meid. Zie eens hoe vergenoegd ik ben.

Hanna. Wat tooverkracht heeft het goud! Charlotta. Duizend Dukaaten ! daar kan ik fchoon gebruik van maaken: nu weet ik alles weêr te bedisflen.

Hak-