Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22 MEY 1798.

415

examen van eene Misfive van de gedelegueerde Rechters, in de zaak van de Burgers Reprefen'amen van der Jagt en Nolet, gefchreeven te Utrecht, den 18. deezer, en in de Notulen van gisteren breder vermeld ; nebben ter Vergadering uitgebragc het navolgend Rapport:

BURGERS REPRESENTANTEN!

G vlieden hebt gisteren in handen Uwer Mede-Leden* de Mrgm Auffartk, Ockerfe en Nuhout van der Veen , o-efteld, eene Mislive van de gedelegueerde Kechters, in de zaak van de gearresteerde Burgers, Adrtanus van der faet en Jacobus Nokt, gefchreeven te Utrecht, den 18. Mev jongstleden, houdende, om gealiegueerde redenen verzoek, dat aan hun ten fpoedigften moge worde ter hand acftcld, Extract van het Decreet der Cpnlhtueerende Vergadering, in dato den 11. April laatstleden genomen, op het Rapport van de Burgers Repreteiitanteii Auffmorth, en verdere, Gecommiteerdens, de voorfchreeve zaak concerneerende: als mede aanvvyzing van een Locaal , het welk voor hun tot het houden hunner Vergadering zal zyn

o-edestineerd. Eneindelvk eene aanvraage, of zy na

verkrv«ïug van het geene voorfchreeveii, hunne werkzaamheden T zullen beginnen, dan daar mede fupercedeeren, tot de Inftructie voor hun zal zyn ingekomen en door hun ontvangen, waarom het eerde en laatile poinét aan het onderzoek uwer Commisfie is gidemandeerd. .

Terwyl het tweede , ten aanzien van het Locaal, naar act Uitvoerend B'wind is verzonden.

Wy hebben de eer, om ons van onzen taak in deezen te kwyten, Ulieden te dienen, dat het Uwe Commisfie is voorgekomen, dat hier alleen een omisfie of abufief begrip in de expeditie fchynt plaats te hebben.

Het Uitvoerend Bewind of den Agent van Justitie heeft waarfchynlyk geverfeert in een fustenu — dat de aanfchryving aan de gedelegueerde Rechters» en de daar op afgelegde Verklaaring en Belofte van dezelve, genoegzaam was, hun te qualificeeren , en dus het zenden van een ExtracT: van het Decreet, van den 11. April laatstleden, overtollig en dus onnodig maakte.

Dan

Sluiten