Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

12 SEPTEMBER 1798. Q41

Is geleezen de Requeste van Chfma Dorothea Jaeobavan Boetzelaar, wonende alhier, verzoekende dat den Rentmeefter van de goederen van de voormalige Ridderfchap mag worden gelast, de betaling van eene prove in de abtdye vart Rhynsburg, waarmede zy is gecollateerd en begif-, tigd, over de Jaaren 1796 en 1797 op haare quitantie, als na gewoonte te voldoen, en daarmede te continueeren, haar leeven lang geduurende.

En gerefolveerd deze Requeste by appointement te ftellen in handen van de Commisfie tot de Do* meinen, om confideratiën en advis.

Is geieezen een extract uit het Register der Be^ fluyten van het Uitvoerend Bewind der Bat. Rep. in dato 28 Aug. 1798 waarby aan den Agent van Finantie werd gezonden de Requeste van Johannei Neervoort, houdende allerootmoedigfte fmeekingen om een gunftig en fpoedig advis op zyn aan de Eerfte Kamer van het Vertegenwoordigend Lichaam ingeleeverd Request, aan het Uitvoerend Bewind gerenvoyeerd.

Als mede eene Requeste van denzelve J. Neervoort op den 6 Septb. 1. 1. aan het Uitvoerend Bewind geprsefenteerd, en door 't zelve mede in handen van den Agent van Finantie gefteid.

Welke beyde ftukken door den Agent van Finantie in handen van dit Beftuur zyn gefteid, om daarop by het ten fpoedigfte uittebrengen Rapport op 't Request van voorn. 3- Nesrvoort, het nodig reguard te liaan.

En gerefolveerd deze ftukken by appointement te ftellen in handen van de Commisfie van Finantie om daarop het nodig reguard te flaan.

R 2 *»

Sluiten