Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

$.& zedenkundig

ernst, gods goedheid is dan onbegrijpeDjk groot.

karel. ó, Ik wil Hem mijn leven lang gehoorzaam zijn!

kornelis. Ja, ik ook, ik wil mij nooit weet gedïaajien als voorleden.

christiaan. En ik wil het aan ieder een zegden, hoe goed god is, daar hij ons, alles Jcbenkt.

eelhart. Recht zoo, lieve kinderen! Hem te vereert n, en dit door onze woorden en gedraai gingen te bevestigen, is allerbetaamenlijkst en goed: maar verheugt u: juist hier in, in deeze zoo betaajEsenlijke gevoelens, kunnen wij een derde hoofdpligt fegens god opmerken, en nu, waar in denkt gij Wel dat die beftaa ?

01 ede rik. Dat wij veel van god fpreeken Uloeten.

nik olaas. En hem vooral door onze daaden Wöëeren.

eelhart. Dit heet, met andere woorden, wij moeten deeze betaamenlijke gevoelens, door «worden en daaden, naar buiten vertoonen.

willem. Wat wil dat zeggen naar buiten •muonen? dat begrijp ik niet recht.

eelhart. Ik zal het u verklaaren, lieve wille m ! — waar, denkt gij, gevoelde ik daarftraks , db goedheid gods, toen de zon zoo fchoon onder-

Willem. Wel in uw hart, meester!

eelhart. Maar wist gij dan ook, dat ik, ZBÏke aandoeninaen op dat oogenblik had?

willem. Ja.

eelhart. Wel hoe dan?

willem. Gij zeidet toch, dat god zoo goed wss. —

eelhart. Ja maar, eer ik het u gezegd had?

wit-

Sluiten