Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Overgang der algemeenevreugd tot den eisch, om den Koning te Parijs te zien.

i i

5

c

32 KOMST des KONINGLIJKEN

is het blijd gejuich, dat op aller tongen zweeft. Dus fcheen, dan, de verbaazende , en fteeds 'aangroeijende , Volksmeenigte aan haare natuurlijke goedhartigheid wedergegeven. Geheel onttrokken aan de helfche opftookingen van bloeddorftige verraaders, was het Volk juist dat, wat het zijn moest, om dezen dag tot het luisterrijkst feest van waare verbroedering te maaken. Alles ademt niets, dan vrede , vriendfchap, en liefde. Doch het was ook deze gelukkige geestvervoering , die te weeg bragt, hetgeen uiterlijk fcheen, niet dan met eenen geweldigen fchok, te kunnen gefchieden. Juist in zulk een gewenscht oogenblik , werd de kreet beflisfende, die den Vorstlijken Zetel naar Parijs overbrengen , en aan deze Stad het geluk zou wedergeven , dat zij, ruim eene eeuw , had noeten misfen. Eéne enkele ftem Kraagt het, de eerfte fchrede te doen. lén uit de talrijke fchaar roept met :ene luide Item: „ de Koning naar Pa, rijs!'". . . en op het oogenblik wordt le bede van éénen de wensen, van allen.

Uic

Sluiten