Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENISSEN.

513

werkzaam derzelver ftaatkunde zijn moest, om een bondgenootfchap te verzwakken en te verdeelen , welks eendragt de Griekfche afhanglijkheid beperkte : thands vinden wij deze werking eensklaps voltooid met eene (helheid en geweld, die de bloote afhanglijkheid in volflagene onderwerping aan rechtftreekfche overheerfching verkeerden.

- Het onbereekenbaar belang der volkornenfte eensgezindheid redenloos voorbijziende , door rampzalige partijzucht en kortzichtig eigenbaat verblind , koesterden zinds eenigen tijd de leden van het Jchceisch bondgenootfchap onderlinge verdeeldheden , die den flag hunner overheerfchers even zeer vervroegden , als onwederftaanbaar maakten.

Het gefchil tusfchen de Aïheners en Oropers. reeds eenmaal door den Rome'tnfchen Raad beflischt ( 1), was de bron van eene tweedragt in dit bondgenootfchap geworden, welke deszelfs leden tegen eikanderen daadlijk gewapend had. De Atheners hadden den Oropers de honderd

(1) Zie boven bl. 388-392» X. DEEL. Kk

IV.

BOEK

XII.

HOOFOJT.

J. voor C.

J. van R. 605.

Oorzaaken van den ondergang der Griek* fcbe vrijheid.

Sluiten