is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

442

romeinsche

V.

BOES Vil.

hoofdst.

J. voor C

89.

J. van R

663. , Krijgsbe drijf van den Confui

c/ESAR.

<

3

gen. De Conful c^sar zelf had zich door nieuwen toevoer uit Gallie en Numidie alleen kunnen ffaande houden. Met deze verfterking was hij tot ontzet van .Acerra, 't welk de vijandlijke Confula po, nius of pa pi us belegerde, opgetrokken. Dëze echter die oxinta, den zoon van jugurtha, uit zijne gevangenis te Venufia had ontflagen, en hem als Koning eerde , deed terftond, door deszelfs vertooning, zulk een groot aantal Numidiërs tot zich overlopen, dat de Conful het veiligst oordeelde, de overigen naar Afrïca terug te zenden. Minder gelukte het aponius, om c^esar's leger tebeftormen , het welk hem zeiven een verlies van zes duizend mannen kostede (1), en zulk eene vreugde bij de Romeinen verwekte, dat men te Rome den tabbaard weder aantrok, dien men, op de verdaaring, dat Italië in opftand was, met len krijgsrok had verwisfeld (2). Weldra verminderde echter deze vreugde,

toen

(1) Appian. alex. de bel!, civil. L. I. p. 76.

(2) Epit. li vu L. LXXIII.