is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENISSEN. 95

Dezelve maakte echter naauwlijks een derde gedeelte uit van het krijgsvolk, het welk de Mithridatifche Veldheer nu bij een had, beftaande. in honderd duizend voetknechten, tien duizend ruiters en negentig zeis wagens. 'Er waren 'er, die sylla berispten, dat hij den bergachtigen grond van Attica, waarin zich zulk een heir niet zou hebben kunnen uitbreiden of genoegzaamen dienst van deszelfs ruiters hebben, verliet, om het vlakke en ruime Bteotie in te trekken, waarin de vijandlijke fterkte, in paarden en wagens beftaande, onbelemmerd werken kon: maar, behalven dat hij zich met eene krijgsbende wilde vereenigen , welke een zijner Onderbevelhebbers q. hor.' tensius voor hem uit Thcsfalie aan voerde, kon hij niet langer op den Attl fchen grond duuren, die , onvruchtbaai uit zich zeiven, nu reeds voor het twee de jaar door een gansch leger afgegeter en onbebouwd gebleeven was,. en zou een< influiti'ng op denzelven, daar het hen aan allen toevoer ter zee ontbrak, weldn doodlijk voor hem geworden zijn(i).

He

(i) Plut./» syll. p.461. Appian. alej de bell. Mitbr. p. 197.

V.

boek

IX.

ioofdst.

[. voor C.

85. J. vsn R.

667. Krijgskundige aam. merking op den veldtogt van SYLLA»

t

I .

t