is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschiedenissen. *75

-rewesten, welken hij alzoo moest 'agter. laten. Hij gaf het bevel over Rome aan lepidus, toen Prator naderhand een lid van het tweede Driemanfchap ; aan antonius, thands Gemeentsman, daarna deszelfs medelid, het opzicht over Italië; aan deszelfs broeder c. antonius het bewind over Illyrie; aan crassus het Cisalpifche Gallie. Voords liet hij het bevel agter , om twee vlooten te bouwen en te bemannen, de eene voor de Adriatifche, de andere voor de Thijrrheenfcht zee; dolabella, de fchoonzoon vat cicero, werd tot Bevelhebber der eene en hortensius, een zoon van de vermaarden Redenaar, tot Vlootvoogd de andere door c ras ar aangefteld. Va li rius en curio bleeven hun bewind o Sardinië , Sicilië en de kust van Afric behouden. Syrië en het Oosten zelve fchoon thands door de nabijheid van poi pejus bedwongen, ontgingen zijne voc zorg niet. Hij ontdoeg den ongelukkig Joodfchen Vorst aristobulus uit zij gevangenis, om, was het mogelijk, Judata nieuwen opftand te gaan verw< ken, ten einde de werving van me te

L

VII.

BOEK

X.

HOOFDST.

f. voor C.

48. J. van R.

704.

I

» 1

r

P a

'• i

rl«

rjnne in :kLÜS