is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENISSEN. 441

minzaam toe, en nam hem benevens de beide lentulussen en favonius gereedlijk aan boord. Terwijl het an ker werd geligt, zag man Koning dejotarus almede aan ftrand komen, die nu ook binnen werd genomen (i).

De fchipper liet den maaltijd voor de vluchtelingen zoo goed toebereiden, als hem zijn voorraad toeliet. Pompejus, gewoon zich te baden, alvoorens aan tafel te gaan, wiesch nu zelf zich bij gebrek aan flaaven: maar favonius, dit ziende, fchoot fchierlijk toe , droogde hem af, zalfde hem en liet vervolgends niet na, om hem op te pasfen en te dienen, gelijk flaaven hunne heeren doen, maar op eene zoo eenvouwdige , ongeveinsde en edele wijze, dat een ander met eenen Griekfchen dichtregel uitriep : „ den welopgevoedden ftaat toch alles wel (2)!"

Voor Amphipolis aan de Macedonifche kust gekomen, verkoos pompejus niet aan wal te gaan, maar liet 'er een bevelfchrift van hem overbrengen en afkondi*

gens

(1) Plüt. in pomp. p. 658.

(2) Plut. in pomp. p. 658.

Ee 5

VIL

BOEK

X.

HOOFDST.

|. voor C

J. van R, 7°5-