is toegevoegd aan uw favorieten.

Romeinsche geschiedenissen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschiedenissen. 433

eigen zoon persetjs, van wien onze gefchiedenisfen nog breedvoerig zullen gewaagen, boe jong ook nog, met een gedeelte zijner " krijgsmagt , onder toezicht van eenigen zijner vrienden, om de engten bij Pela-1 gonia te bezetten; hij flechtede Seiathut en Peparethus, fchoon geenzins onvermaarde fteden, opdat derzelver buit den vijand niet verrijken zou, dien hij vreesde, van derzelver eilanden, in de JEgaiifehe zee gelegen, niet te zullen kunnen afkeeren; voords zond hij ook zijne Afgezanten naar de JEtoliërs, om alle verandering van derzelver tegenwoordige denkwijze te voorkomen ( i).

De JEtolifche landdag, die op eenen be- ^ paalden tijd gehouden werd, was thands op handen, 's Konings Afgezanten haasteden zich, om denzelven bij te woonen $ van 's Confuïs zijde vertoonde 'er zich l. furius purpureo; ook de Atheners hadden 'er hunne Afgevaardigden gezonden. De JEtoliërs vergunden den Macedoniërs, hunnenjongftenBondgenooten, het

eer-

(O Liv. L. XXXI. c 28. VIII. deel. Ee

IV.

BOEE

VIL

30FDST.

voor C.

198.

, van R» 554'

jEtolifchê inddag.