Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IK

boek X.

hoofdst.

J. voor R 181,

J. van R 571.

1 (

3

( l t

v

n h z; le fe d( ee ne

S°6 romsinsche

telgen hij thands in rustloos agterdocht woedde, te wreeken door den bitteren .rampfpoed, die zijn eigen huis en hart

LmER!EÜS' ^ fdlierliik ^er. reed hebbende, dat zijn broeder voor hem

den nj ftaf weg zou dragen, begon reeds daadhjke ontwerpen te fmeeden t.gen des zelfs leeven en langzaamerhand eemVen van zijnes vaders vrienden in zijne belangen tegen demetrius over tehaaen. De van dag tot dag toenemende iaat:en afkeer van phiuppüs tegea le Romemen, en het duidlijk inzicht, dat ■ Konings jongfte zoon daarbij alle vaderlijke genegenheid meer en meer verben moest, deed 'er veelen tot de parJ van perse us overgaan. De blinde oonngenoomenheid van demetrius iet al wat Romeinfch was en zijne losVA m gefprekken en gedrag gaven der menzwering tegen hem veelvuldig eegenheid, om hem, zelfs zonder eenigen 'tinken aanflag, in zijn eigen verderf te »en lopen; men vergenoegde zich voorrst, om hem, in tegenwoordigheid zij. s vaders, over Rome te doen fpreken nner men hem zijne vooringenomenheid

Sluiten