Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L T SPEL. 23

SAUER.

Nu meent ge een man te zyn, en zult van vcnren af aan weer beginnen.

MILBURG. Neen waarlyk ! dat zal ik niet.

SAUER.

Zo ge by mevrouw Wagner wat op uw linnen badt biyven liggen, in plaats van met een bende beurzenfhyders rond te zwerven; dan zoudt ge mooglyk thands reeds het einde uwer wenfchen bereikt hebben. Uws vaders testament is gevonden.

MILBURG.

Gevonden?

SAUER.

Men fehryft my dat het eindelyk in een ledige Iesfenaar zorgvuldig opgefloten gevonden is. Reeds vóór eene maand zoude 'er een koopman van Milaan, die hier affaires heeft, mede afgcreist zyn. Maar 'er is nog geen zodanige geweest.

MILBURG Zo het in handen der weduwe geraakt ware? SAUER.

Daar voor was ik wel het meest bezorgd. <— Het geval zelf flraft uwe dwaasheden. Neem u in acht! Mynheer Dorner heeft een gelofte gedaan van zig op u beiden te wreeken en met groot recht. Nog is hy niet te bed, en zo ge asfurant genoeg zyt, om zyne tegenwoordigheid te verdraagen, dan raade ik u {e bij ven waar ge zyt.

E 4 Mlltf.

Sluiten