is toegevoegd aan uw favorieten.

Levensbeschryving van eenige voornaame meest Nederlandsche mannen en vrouwen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

254 HET LEVEN van

Graaf van Denbigh naast hem; de Heeren van Renswoude en Joachimi zaten tegen hen over. De trein beftondt uit dertig Koetzen. 's Avonds wierden zy door de Predikanten en Ouderlingen der Nederlandfche en Walfche Gemeente verwelkoomd en begroet.

Op den twaalfden van Sprokkelmaand vertrokken zy na Oxford, alwaar de Koning zyn verblyf hieldt. Dooiden Opperkamerheer, den Graaf van Dorfet, ingeleid by den Monarch, ftondt deeze nevens zyne Gemaalin, naa de eerfte buiging der Gezanten, van zynen ftoel • op, en verzogt hen zich te dekken. In dit eerfte Gehoor, 'twelk voornaamlyk in wederzydfche pligtpleegingen beftondt, voerde de Heer Boreel het woord. Op den negentienden daaraan volgende deedt de Gezant een voorftel, raakende de bemiddeling der Staaten; onder andere drukte hy zich aldus uit: „ Dat Hunne' Hoog„ mogenden deeze aanbieding niet deeden uit prefump,, tie noch uit Curieusheid, om zich in te dringen in „ de zaaken van een groot' 'Koning met zyne onder„ daanen, maar alleen uit eene trouwhartige genegen„ beid, als goede Vrienden en Nabuuren, die het ,, hoogfte belang ftelden in de welvaart van zyne Ma„ jefteit. en uit erkentenisfe van de groote weldaaden, „ door den Staat der Vereenigde Nederlanden van zyne „ Majefteit en deszelfs Voorzaaten genooten, enz." Zeer aandagtig luisterde de Koning naar deeze aanfpraak, en wenkte, naa 't eindigen van dezelve, de Gezanten om by hem aan het einde van het vertrek te koomen, opdat het van zyne eigen Hovelingen niet mogt gehoord worden, 't geen hy hun te zeggen hadt. Zedert deeden de Gezanten verfcheiden keeren tusfchen Londen en Oxford, om, ware 't mogelyk, door hunne bemiddeling, het Parlement met zynen Koning te verzoenen.