Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aio Proeve omtrent de

Zesde Ondervinding.

Indien men in de eene hand een glazen vat houd, of een Porceleinen Kom,tert deek vol water, in het welk het einde van eene Metaalen Roede, die ge-ekdrifeerd is, geftooken is, en men met de . andere hand eene vonk trekt, dan gevoeld men eene fterke en fehielyke fchok, in beide Armen; en zelvs veelmaakn in de Borst; in de Ingewanden, en in alk de deelen van het Ligchaam.

V ericlaaring,

AÏÏes toond ons , en dmngd ons te gelooyen. dat de ÈleSlriecqueftoffe eene zeer fyne yloeiftcffe is, die alom gevonden word, zo yan binnen als pan buiten in de Ligchaamen (31). Het is derhalven in ons, en indien wy oordeelen tut het gemak met het welke het tdtgaat en ingaat, en door de uitmuntende fynheid der Deelen, en de Poroüteit van onze eigen dierlyke ftofft, zuilen wy geen moeite hebben, om te

Sluiten