Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22a [ 176] LUK. XXII: 31,32. MATT. IV: 3. enz.

kunt gij minder op zijne voorbede, en op zijnen Herkenden bijftand rekenen: maar ftaat gij, zoo kunt gij daarop vastelijk ftaat maken. Wederfta allen boozen, zonder hem te gemoete te treden, krachtig door het geloove! Allen boozen, alsof het de fatan in eigen perfoon ware. Wederfta, in het geloof, aan de onzichtbare wereld der geesten, die getuige van uwen ftrijd, uwen moed, uwe overwinning , en die de listige en magtige vijanden grondig kent , met welken gij te ftrijden hebt, die op geene andere wijze dan door het geloof, door* vast te houden aan Gods beloften , kunnen overwonnen worden. — Wederfta, in den geloove, dat gij niet de eenige kamper, duider, en geloovende zijt; dat vele honderden met u en voor u ftrijden: in het geloof dat uw Heer en Meester de Vorften der wereld bedwongen , en het u mogelijk en lichter gemaakt heeft, dezelve te bedwingen. Wederfta den fatan en hij zal van u vlieden! is niet een woord des bijgeloofs, of der dweeperij, gelijk velen dat lasterlijk voorgeven. Geloof en wijsheid (zeker niet geloof en wijsheid dezer wereld, die te niet gedaan worden) het geloof en de wijsheid van eenen Apoftolifchen man fpreken aldus: Wederfta hem door geloof aan Christus woord, en hij zal ontzag en vrees voor u hebben.

Sluiten