is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijbel der natuur.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

225 Het GEHsOOR en joBXXXIV.3.

§. xc.

Het werktuigelijk maakfel van alle onze zintuigen beflaat uit onbefchrijflijk kleine zenuwvezeltjes, die bij wijze van bundels uit de hersfenen uitgaan, en in vezeltjes tot het uiterfte van de zin-tuigen en het lighaam zich verfpreiden. Deeze ontvangen de indrukfelen van de uitwendige voorwerpen, die ons aandoen: zij brengen die indrukfelen oogenbliklijk tot de algemeene vergader-plaats van onze zinlijke aandoeningen, en van hier tot de ziele over: terwijl deeze, naar eene wijze en van God bepaalde orde, zulke denk-beelden ofte voorffellingen in zich verwekt vindt, als met die uitwendige voorwerpen, en derzelver'indrukfelen op onze zin-tuigen overeenkomen . Deeze onderlinge overeenftemming en gemeenfchap tusfchen beiden hangt af van de vereeniging der ziele met het lighaam , dat raadfel en onbegrijpelijk geheim voor alle de Wijsgeeren van dg voorige eeuwen tot op deezen tijd toe.

S. XCL

Elihu noemt hier twee zintuigen: het gehemelte (*jn), ongetwijfeld bij overnoeming (Mefonym. continentis pro contento) alle de deelen van den mond mede behelzende, en voornaaIRPlijk de tong met haare klieren, welker zenuw-